Het pand werd in 1913 gebouwd als tweebeukige loods voor de stalling van de koetsen van de rooms-katholieke Begravenis Vereeniging. Aan de Lange Rozendaal kwam een erfafscheiding bestaande uit gemetselde muurdelen met hoekkolommen waartussen een hek, dit is nog deels aanwezig. Na de bouw is het pand vrijwel ongewijzigd gebleven, wel zijn na 1979 enkele bijgebouwen aan het erf toegevoegd. In de zeventiende en achttiende eeuw behoorde de grond waarop het gebouw staat tot de achtererven van enkele huizen aan de Oudegracht, die toebehoren aan doodgravers en aansprekers.