Test123Aanpassing boezembemaling nieuwe Overwaard Documentatie OM5396183100 - EARTH Integrated Archaeology Rapporten 282

DOI

In opdracht van Infram B.V. heeft EARTH Integrated Archaeology in april en november 2023 een archeologisch booronderzoek (IVO-O verkennende fase) uitgevoerd in een plangebied tussen het Mr.Dr. G. Kolff gemaal en de rivier Wijde Giessen, te Hardinxveld, gemeente Hardinxveld-Giessendam.Hier zijn grondverstorende werkzaamheden ten behoeve van de aanleg van een nieuwe watergang voorzien.Volgens bestemmingsplan “Buitengebied – gemeente Hardinxveld-Giessendam” heeft het plangebied een dubbelbestemming – archeologische verwachting 4, 5, 7 en 9. Voor archeologische verwachting 4, 5 en 7 geldt een onderzoeksplicht bij ingrepen groter dan 250 m2 en dieper dan respectievelijk 0,3, 1,5 en 5,0 meter -mv. Bij archeologische verwachting 9 geldt een onderzoeksplicht bij een oppervlakte groter dan 10.000 m2 en dieper dan 30 cm. De geplande ingrepen overschrijden deze waarden, derhalve is archeologisch onderzoek uitgevoerd.Het doel van het verkennend vooronderzoek is de gespecificeerde verwachting op basis van het bureauonderzoek te toetsen en zonodig bij te stellen. Meer specifiek is binnen dit booronderzoek gelet op de locatie en diepteligging van de verschillende pleistocene en holocene stroomgordels. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de eisen in de KNA 4.2. De boringen zijn uitgevoerd met behulp van een mechanische aqualockboor. Waar boringen niet bereikbaar waren met de mechanische installatie, zijn deze gezet met een 7 cm edelman- en een 3 cm gutsboor. In totaal zijn in het plangebied 37 boringen gezet tot een diepte van maximaal 12 meter onder maaiveld.Uit de boringen is gebleken dat de bodemopbouw in het plangebied sterk varieert. De bodemopbouw laat een afwisseling zien van verschillende fases van rivierafzettingen, zowel van pleistocene als holocene datering. Op basis van de bekende gegevens, kunnen de verschillende zand- en andere geulafzettingen worden toegeschreven aan verschillende stroomgordels zoals de Hardinxveld en de Giessen stroomgordel. Voor een groot deel bestaat het plangebied echter uit een dik pakket klei en veen dat in komgebieden is afgezet/gevormd. In de komkleien en het veen zijn geen aanwijzingen voor langdurig stabiele omstandigheden aangetroffen. Dit betekent dat het plangebied veelal nat was en dat daarmee het risico op het aantreffen van archeologische resten van gebruik en bewoning laag is.Vanuit het verwachtingsmodel geldt een archeologische verwachting voor de Giessen, Spijk, Wijngaarden en Hardinxveld stroomgordels. De smalle Spijk stroomgordel is niet aangetroffen in de boringen. Ook de Wijngaarden stroomgordel kon niet worden geïdentificeerd. In het noorden van het plangebied is de Giessen stroomgordel aangetroffen, centraal in het plangebied de Hardinxveld stroomgordel. Beide stroomgordels kennen een middel-hoog archeologisch risico, waarbij met name de hoger gelegen oeverzones bewoond kunnen zijn geweest. Om te bepalen of er daadwerkelijk archeologische resten op de stroomgordels aanwezig zijn, dient een karterend vervolgonderzoek plaats te vinden.EARTH adviseert vervolgonderzoek uit te voeren in de zones van zowel de Hardinxveld als de Giessen stroomgordel. Voor de overige delen van het plangebied waar een dik pakket veen/komafzettingen aanwezig is adviseert EARTH vrijgave. Omdat in het noorden van het plangebied de potentiële archeologische laag van de Giessen stroomgordel dicht aan maaiveld ligt, adviseert EARTH dit gebied verder te onderzoek middels proefsleuven (IVO-P). In verband met de diepteligging van het archeologisch relevante niveau en overlast van het grondwater is een proefsleuf bij de Hardinxveld stroomgordel niet haalbaar. EARTH adviseert derhalve voor die zone een karterend onderzoek door middel van een verdichtende boringen (mechanisch) in een verspringend grid van 20 bij 25 meter.Het bovenstaande vormt een selectieadvies en EARTH adviseert deze rapportage ter goedkeuring voor te leggen aan het Bevoegd Gezag, de Gemeente Hardinxveld-Giessendam. Op basis van dit onderzoek zal de bevoegde overheid een besluit nemen over de daadwerkelijke omgang met het risico archeologie.Dit neemt echter niet weg dat de uitvoerder van het grondwerk gewezen dient te worden op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals staat aangegeven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/AR/DRMN2G
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/AR/DRMN2G
Provenance
Creator EARTH Integrated Archaeology BV
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor Functioneel Applicatiebeheer GBO
Publication Year 2026
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact Functioneel Applicatiebeheer GBO (BIJ12)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/octet-stream; application/pdf; application/zip; text/xml
Size 11579; 36408; 1022196; 2040867; 89656; 5278675; 306587; 367928; 3943; 13982; 306042
Version 1.0
Discipline Humanities