Tijdens het archeologisch onderzoek zijn er 104 sporen aangetroffen en gedocumenteerd. Hiervan waren 21 sporen bodem- en terplagen die in de profielen zichtbaar waren. De sporen in het vlak bestonden uit waterputten, kuilen, sloten, terplagen, een geul, en tientallen paalsporen. De archeologische resten kunnen worden onderverdeeld in twee bewoningsperioden. De jongste periode bestaat uit de terpbewoning daterend vanaf de middeleeuwen tot nieuwe tijd. In de profielwanden kon in de verschillende terplagen een onderscheid worden gemaakt in twee fases. De meest recente fase (late middeleeuwen – nieuwe tijd) bevond zich vlak onder het maaiveld. Op een dieper niveau werd een oudere bewoningsfase van de terp aangetroffen die voornamelijk bestond uit twee waterputten bestaande uit een zodenwand. Van één put was de houten beschoeiing, bestaande uit drie opgestapelde (bier) vaten, nog goed bewaard gebleven. Het kogelpotaardewerk uit de put dateert de demping in de 13e eeuw nC.
Onder de terplagen werden drie parallelle palenrijen aangetroffen. Hoewel de houten palen waren verdwenen waren de dichtgeslibde paalgaten nog duidelijk te herkennen. De sporen werden onder de terplagen aangetroffen, waardoor deze vóór de 13e eeuw zullen dateren. Het oudste aangetroffen aardewerk, dat als opspit in de terplaag werd aangetroffen, dateert uit de Romeinse tijd tot vroege middeleeuwen en is mogelijk een indicatie voor de datering van de palenrijen. Gezien de nabij gelegen geul is een interpretatie als kade of steiger wellicht de meest voor de hand liggende optie. Echter gezien de beperkte oppervlakte van de opgravingsput is deze structuur niet volledig in beeld. Een andere interpretatie zoals een de wand van een gebouw kan niet worden uitgesloten. Ook is het goed mogelijk dat er sprake is van meerdere bouwfases of seizoensgebonden activiteiten of bewoning.
Het archeologisch onderzoek heeft een eerste inkijkje gegeven in deze vroege fase van Striep. Bij bodemingrepen in de omgeving wordt geadviseerd om weer archeologisch onderzoek te laten uitvoeren. Extra aandacht dient hierbij te worden gegeven aan het diepste archeologische niveau (het gelaagde zand, wadzand, onder de terplagen) om meer informatie te verkrijgen over de vroegste bewoning van Striep.