Voorafgaand aan de veengroei is bewoning ter plaatse van het onderzoeksgebied mogelijk geweest. Echter, door het mengwoelen en andere landbouwwerkzaamheden in heden en verleden is de ondergrond van het onderzoeksterrein zodanig verstoord dat de kans op het aantreffen van intacte archeologische sporen en de aanwezigheid van archeologica zo goed als nihil is. Aangezien uit het onderzoek is gebleken dat de kans op het aantreffen van archeologica op het onderzoeksterrein minimaal is, hoeft er geen archeologisch vervolgonderzoek uitgevoerd te worden.
Date: 2005