Plangebied Multi Modale Corridor (MMC) op Chemelot te Geleen en Stein, gemeenten Sittard-Geleen en Stein.

DOI

In opdracht van Royal HaskoningDHV heeft RAAP in juli en augustus 2023 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Multi Modale Corridor (MMC) te Geleen en Stein in de gemeenten Sittard-Geleen en Stein. Het tracé van de nieuwe weg loopt van de haven van Stein naar het Chemelot -terrein en komt te liggen direct naast de spoorlijn tussen de haven en de voormalige Staatsmijn Maurits. Het spoor is nog steeds in gebruik en op cultuurhistorische waardenkaart van de provincie Limburg staat deze spoorlijn aangegeven als zichtbaar tracé mijnspoor of ander spoor- of trambaan. Op de archeologische beleidskaart van de gemeente Stein ligt het plangebied voor het overgrote deel in zones met geen archeologische verwachting (categorie) of een lage archeologische verwachting (categorie 4). Slechts kleine zones (totaal ca. 3.500 m²) liggen in een gebied met hoge archeologische verwachting (categorie 2). Op de archeologische beleidskaart van de gemeente Sittard-Geleen (update voor Chemelot uit 2023: Vaessen, 2023, kaartbijlage 4) ligt het plangebied voor het overgrote deel in een zone met een hoge archeologische verwachting voor droge landschappen (categorie 4). Een deel van het tracé loopt door een zone met een terrein van zeer hoge archeologische waarde/bekende vindplaats (categorie 2). Uit het bureauonderzoek is gebleken dat het tracé van de Multi Modale Corridor is gelegen op een relatief hoog gelegen zone op de rand van de Graetheide. Mede dankzij de vruchtbare löss en goede ontwatering, is dit gebied bij uitstek geschikt voor landbouw. In algemene zin geldt de hoogste verwachting voor sporen uit het vroeg neolithicum en de ijzertijd. Specifiek gaat het om nederzettingssporen, begravingen en sporen gerelateerd aan akkerarealen (o.a. silo’s, kuilen en spiekers). Voor het midden neolithicum en de bronstijd geldt een middelhoge verwachting. Ook voor de Romeinse tijd zijn vooralsnog weinig gegevens bekend. Ook wordt over het algemeen een lage verwachting voor sporen uit de middeleeuwen t/m nieuwe tijd gegeven. Op basis van de onderzoeksgegevens, kan bovenstaande verwachting als volgt worden bijgesteld:
de kans op het aantreffen van archeologische resten in het havengebied is klein gezien de afgravingen in het kader van de aanleg van de haven. De verwachting voor archeologische resten is daarom laag. tussen het havengebied en de A2 ligt het plangebied voor het overgrote deel in een gebied met een lage verwachting op de archeologische beleidskaart van de gemeente Stein. Een relatief kleine strook (ca. 3500 m², max. 20 m breed) ligt in een zone met een hoge verwachting op de beleidskaart. Het gaat om een groenstrook langs het huidige spoor. Vindplaatsen zijn volgens archis in een straal van 250 m rondom het plangebied (vooralsnog) niet bekend. Voor deze zone moet daarnaast rekening gehouden worden met het feit dat onder en naast het nieuwe tracé reeds bestaande (en deels te vervallen) rioleringen aanwezig zijn. Daarnaast liggen er ook 10Kv-leidingen alsmede leidingen van Air Liquide in het gebied (zie figuur 16). Gezien de hoeveelheid leidingen is de kans groot dat de grond binnen het plangebied al grotendeels of zelfs volledig is verstoord. Ten oosten van de A2 lijkt op het eerste oog sprake van een natuurlijk reliëfverloop. Ook is hier op de beleidskaart sprake van een hoge verwachting (categorie 4) en bekende vindplaatsen (catego rie 2). Tegelijkertijd is op een detailkaart van het AHN te zien dat het spoor (deels) op een ophoging ligt met aan de oostzijde een diepe sloot van circa 2,5 m diep. Deze sloot wordt gedempt in het kader van de geplande ingrepen. Hierdoor blijft nog maar een zeer smalle strook over tussen de sloot en het (hoger gelegen spoor). Daarnaast zijn op het AHN meerdere onregelmatigheden in het reliëf te zien rondom de spoortunnel onder de A2. Dit kan toegeschreven worden aan de grootschalige ingrepen die te maken hebben met de aanleg van de A2. Alleen rondom de twee ‘armen’ in het uiterste zuidoosten zijn geen directe aanwijzingen te zien voor vergravingen. Wel liggen hier meerdere kabels en leidingen. Het gaat hierbij in de zuidwestelijke arm voornamelijk om riole ringen. Op basis van bovenstaande observaties mag verwacht worden dat het overgrote deel van het plangebied ten oosten van de A2 dermate verstoord is dat er weliswaar sporadisch nog wat ‘kaas tussen de gaten’ zit, maar dat er een goede kans bestaat voor he t doen van archeologische waarnemingen wordt klein geacht. Op basis van de resultaten van dit onderzoek blijkt dat voor het plangebied – deels als gevolg van verstoringen – een lage verwachting geldt voor het aantreffen van archeologische resten. Daarom wordt in het kader van de voorgenomen bodemingrepen geen vervolgstap uit het proces van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ) noodzakelijk geacht.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/AR/LD9QLN
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/AR/LD9QLN
Provenance
Creator R.A. Vaessen, Dr.
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor Diepeveen, MA M.C.; Vaessen, Dr. R.A.
Publication Year 2024
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact Diepeveen, MA M.C. (Raap bv)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf
Size 21686174
Version 2.0
Discipline Humanities