In opdracht van Waterschap Hollandse Delta heeft RAAP in april 2020 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) uitgevoerd voor het plangebied Kwakscheweg-Boezemlaan en Componistenpad-Stougjesdijk te Oud-Beijerland in de gemeente Hoeksche-Waard. Het onderzoek vond plaats in het kader van een omgevingsvergunning.Op grond van de onderzoeksresultaten en onder verwijzing naar de doelstellingen, kunnen de volgende uitspraken worden gedaan:De archeologische verwachtingen voor de perioden waarvoor op basis van het bureauonderzoek een lage of geen verwachting gold, kunnen worden gehandhaafd. De middelhoge archeologische verwachting voor de brons- en ijzertijd kan naar laag worden bijgesteld Op verschillende locaties in het plangebied, op de verwachte plaatsen, zijn afzettingen behorend tot de stroomrug van het getijdenlandschap uit de periode neolithicum tot bronstijd aangetroffen. In boring 18 werden hierin ook oeverafzettingen met houtskoolfragmenten aangetroffen: één van de kenmerken van vindplaatsen uit deze periode. Daarom blijft de hoge archeologische verwachting voor de periode neolithicum tot bronstijd gelden.De kreekgeulen in het plangebied waren actief tot de middeleeuwen. Hoewel in een enkele boring oeverafzettingen uit deze periode zijn aangetroffen, waren deze kalkrijk en qua bodem zwak ontwikkeld. Bovendien ontbraken de kenmerken voor archeologische vindplaatsen uit deze periode in deze oeverafzettingen, zodat de hoge archeologische verwachting voor vindplaatsen uit de periode middeleeuwen tot de nieuwe tijd naar laag kan worden bijgesteld.Op basis van de resultaten van het onderzoek blijkt dat in delen van het plangebied (mogelijk) archeologische resten aanwezig kunnen zijn vanaf een diepte van 4,55 tot 5,5 m –NAP (vanaf 3 m –Mv; boring 18) en circa 3,6 m –NAP (vanaf 2,1 m -Mv; in boring 37 en 39). Deze afzettingen worden echter niet bedreigd door de voorgenomen bodemingrepen.