(24217.002) Eindrapportage archeologisch vooronderzoek Locatie E5191004 SPUK1 Gelderland te Kootwijk

DOI

Gespecificeerde archeologische verwachting Vanuit het bureauonderzoek geldt voor het plangebied een middelhoge verwachting op de aanwezigheid van archeologische waarden. Het plangebied ligt namelijk binnen een gordeldekzandgebied ligt, waar tevens zandverstuivingen hebben plaatsgevonden. Voordat de verstuivingen plaatsvonden zal de topografie van het gordeldekzandgebied aan het maaiveld zichtbaar zijn geweest in de vorm van dekzandruggen, -welvingen en -vlakten/laagten. Mocht het plangebied destijds een ligging hebben gehad binnen een dek-zandrug of -welving, dan zal er sprake zijn geweest van voldoende gunstige omstandigheid voor het ontplooien van (tijdelijke) bewoningsactiviteiten, alhoewel er geen aanwijzingen zijn dat er in de omgeving natuurlijke beekdalen voorkwamen, als bron voor water. In de directe omgeving zijn tot op heden geen archeologische resten/vindplaatsen aangetroffen. Wel zijn archeologische vondsten gedaan door particulieren/amateurarcheologen op het huidige militair terrein Noorderheide, dat zich op meerdere honderden meters ten oosten/zuidoosten van het plangebied bevindt en verder doorloopt in oostelijke richting. Het gaat om diverse vondsten voornamelijk daterend uit het Mesolithicum, Neolithicum en de Bronstijd, binnen een verder niet door zandverstuivingen aangetast gebied (wat op basis van landschappelijke gegevens wel het geval is voor onderhavig plangebied). Tevens geeft het bestudeerde hoogtebeeld de verwachting dat het gehele plangebied in een uitgestoven laagte ligt, waar het oorspronkelijke bodemprofiel vaak over een groot oppervlak al kan zijn verdwenen en daarmee eventueel aanwezige archeologische vindplaatsen al sterk zijn aangetast, zo niet geheel zijn verdwenen.

Resultaten inventariserend veldonderzoek De resultaten van het inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) bevestigd de ligging van het gehele plangebied binnen een uitgestoven laagte. Restanten van een oorspronkelijke podzolbodem zijn niet aangetroffen. Daarnaast heeft verstoring van de bovengrond plaatsgevonden, meest waarschijnlijk veroorzaakt door moderne bosbouwactiviteiten. Onder het verstoringsniveau is direct de C-horizont aanwezig en dit betreffen dekzandafzettingen. Het voorkomen van roestvlekken duidend op regelmatig vrij ondiepe grondwaterstanden. Ook tijdens het uitvoeren van de veldwerkzaamheden is grondwater aangetroffen al binnen de bovenste meter. Van een afdekkende laag stuifzand is geen sprake binnen de begrenzing van het plangebied.

Conclusie Geconcludeerd wordt dat de oorspronkelijke top van het dekzandafzettingen niet meer aanwezig is door uitstuiving, waardoor eventueel aanwezige archeologische niet meer in situ zullen voorkomen en het potentiële sporenniveau waarschijnlijk geheel is verdwenen. Tevens hebben recente verstoringen van de huidige bovengrond plaatsgevonden. Voor het gehele plangebied kan de middelhoge verwachting dan ook worden bijgesteld naar een lage verwachting. Er zijn voor de archeologie geen gevolgen vanuit de voorgenomen bodemingrepen.

Advies Op grond van de resultaten van het archeologisch vooronderzoek adviseert Econsultancy om, ten aanzien van de geplande bodemingrepen en binnen het kader van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ), geen vervolgonderzoek te laten plaatsvinden. In het gehele plangebied is het oude archeologische loopvlak, zijnde de oorspronkelijke top van het pakket dekzandafzettingen, geheel verdwenen. Ook hebben moderne verstoringen van de huidige bovengrond plaatsgevonden.

Er is geprobeerd een zo gefundeerd mogelijk advies te geven op grond van de gebruikte onderzoeksmethode. Ten aanzien van het merendeel van het plangebied, waar op basis van de lage verwachting vrijgave voor wordt geadviseerd, kan de aanwezigheid van archeologische sporen of resten in het plangebied kan nooit volledig worden uitgesloten. Mochten tijdens de graafwerkzaamheden hier toch archeologische waarden worden aangetroffen, dan dient hiervan melding te worden gemaakt conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet uit juli 2016 bij het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed). Het is raadzaam om ook de gemeente Barneveld op de hoogte te stellen.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/AR/HTQRJ6
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/AR/HTQRJ6
Provenance
Creator Broeke, ten, E.M.
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor Broeke, ten, E.M.; Econsultancy; Broeke, E.M. ten
Publication Year 2024
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact Broeke, ten, E.M. (Econsultancy)
Representation
Resource Type Archeologisch prospectief onderzoek; Dataset
Format application/pdf
Size 8961779
Version 1.0
Discipline Humanities
Spatial Coverage Doetinchem