In maart 2023 is een archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied aan de Vriezekoop 7 te Leimuiden. Het onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de richtlijnen van de vigerende Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA 4.1). De aanleiding tot het bureauonderzoek werd gevormd door geplande werkzaamheden die een mogelijke bedreiging vormen voor eventueel aanwezige archeologische waarden. Dit onderzoek heeft zich gericht op de vraag of er binnen het plangebied archeologische waarden verwacht kunnen worden. Ook is er (waar mogelijk) onderzocht wat de aard, datering en diepteligging van de eventueel te verwachten archeologische waarden is. Het onderzochte plangebied bestaat uit een woning aan de Vriezekoop 7 te Leimuiden. De vloer van de woning zal vervangen worden en hieronder zullen heipalen aangebracht worden. De heipalen zijn 12,1 m lang, de locaties van de heipalen staan weergegeven in het palenplan. Ontgravingen ten behoeve van de aanleg van de nieuwe vloer zullen tot 0,2 m onder de huidige vloer reiken (bron: opdrachtgever). De onderkant van de nieuwe vloer komt 0,4 m onder het bouwkundig peil (0,32 m –NAP) te liggen, dit komt neer op 0,72 m –NAP. De nieuwe vloer zal op een bestaande fundering worden aangelegd. De noordoostelijke hoek van het gebouw is momenteel onderkelderd. Deze kelder komt te vervallen en wordt dichtgezet met tempex. Binnen het plangebied kunnen archeologische waarden verwacht worden vanaf de Bronstijd. De kans op het aantreffen van archeologische waarden uit eerdere perioden is zeer klein aangezien het afzettingsmilieu in die tijd zeer ongunstig was voor menselijke bewoning en naar verwachting alleen incidenteel zal zijn gebruikt voor bijvoorbeeld jacht of visvangst. De kans op het aantreffen van archeologische waarden vanaf de Bronstijd tot en met de Vroege Middeleeuwen is middelhoog. Het veen waarop het plangebied is gelegen is namelijk afgezet vanaf de Bronstijd. Dergelijke resten kunnen verwacht worden in het Hollandveen Laagpakket op een diepte van 1,5 m tot 4,6 m –mv. De trefkans op archeologische waarden uit de Late Middeleeuwen en het begin van de Nieuwe Tijd is middelhoog, resten uit deze perioden kunnen verwacht worden tot een diepte van 1,5 m -mv. Op de kadastrale minuutkaart is bebouwing binnen het plangebied te zien. Er geldt hierdoor een hoge trefkans op het aantreffen van archeologische waarden uit het einde van de 18 e of het begin van de 19e eeuw. Mogelijk heeft in 1990 de herbouw of verbouwing van de woning binnen het plangebied tot bodemverstoring geleid, het zou echter ook kunnen dat de bodem onder de huidige vloer archeologisch gezien nog intact is. Met een geplande ontgravingsdiepte van 0,2 m kunnen mogelijk resten van de 18e of 19e eeuwse voorganger van de woning verstoord raken. Een eventuele verstoring zal minimaal zijn en zich beperken tot de toplaag van de te verwachten archeologische resten uit het eind van de 18 e of het begin van de 19e eeuw. De heipalen zullen tot meer dan 12 m -mv reiken. Deze zullen dus door de archeologische niveaus heen komen te liggen. Het verstoringsoppervlakte van de heipalen is echter gering, ook is het niet zo dat er meerdere palen dicht bij elkaar aangebracht worden (zie het palenplan, bijlage 5). Wanneer de eventuele archeologische niveaus die door de heipalen verstoord zouden raken, onderzocht zouden moeten worden, zou er tot 13 m diep moeten worden gegraven (of tot 4,6 m -mv) als het onderzoek zich richt op de periode tot en met de Bronstijd). De kosten die dit met zich meebrengt wegen waarschijnlijk niet op tegen de verwachtte informatiewaarde (vermoedelijk zal er ontdekt worden dat er resten van een boerderij uit 1813 onder de huidige vloer liggen). Bovendien zou het deel dat niet door de heipalen verstoord zou raken wel door het archeologisch onderzoek verstoord raken waardoor het niet in situ bewaard blijft. Er wordt dan ook geadviseerd om het plangebied vrij te geven voor de huidige ontwikkelingsplannen.