AlgemeenIn opdracht van de gemeente Bernisse heeft de afdeling Onderzoek en Rapportage van het Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam (BOOR) in augustus 2014 een verkennend inventariserend veldonderzoek uitgevoerd in het plangebied Bernisse Heenvliet Burghtweg. Er wordt in het plangebied een afkoppelriool aangebracht. Het veldwerk is voorafgegaan door een bureauonderzoek. Het onderzoek is verricht omdat bij de geplande werkzaamheden in het gebied de bodem zal worden ontgraven. Indien archeologische waarden aanwezig zijn, kunnen deze hierbij worden aangetast of vernietigd.ResultatenTijdens het bureauonderzoek is onder meer gekeken naar de historische situatie, de bodemopbouw en de bekende archeologische waarden in (de omgeving van) het plangebied. Hieruit kwam naar voren dat er geen verwachting is voor het Mesolthicum tot en met de Bronstijd en de vroege Middeleeuwen. Voor de IJzertijd, Romeinse tijd en de Late Middeleeuwen geldt een redelijk hoge tot hoge archeologische verwachting binnen het plangebied. Tijdens het verkennend inventariserend veldonderzoek zijn 13 boringen in 1 raai over het plangebied gezet.De diepst aangeboorde afzettingen in het plangebied bestaan uit afzettingen, die behoren tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Wormer. Deze zijn aangetroffen op een minimale diepte van 3,11 m - NAP (1,64 m - mv). ). Hierop is een veenpakket aanwezig, behorend tot de Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket. Het veen is aangetroffen op een minimale diepte van 2,35 m - NAP (0,85 m - mv) en heeft een maximale dikte van 142 cm. De top van de natuurlijke sequentie bestaat uit een klastisch pakket met dekafzettingen behorend tot de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Walcheren. Het pakket is aangetroffen op een minimale diepte van 1,92 m - NAP (0,45 m - mv) en heeft een maximale dikte van 51 cm. Op deze afzettingen aan het maaiveld ligt een geroerd en/of opgebracht pakket zand. De dikte van dit pakket bedraagt minimaal 45 cm en maximaal 165 cm.Tijdens het onderzoek is gebleken dat de bodemopbouw grotendeels intact aanwezig was. Er zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen en er ontbreken verdere aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische waarden. Concluderend kan gesteld worden dat de kans zeer klein is dat bij de geplande werkzaamheden in het plangebied archeologische waarden verstoord zullen worden binnen de maximale boordiepte van 5,59 m - NAP (3,98 m - mv). AanbevelingOp basis van het bovenstaande conclusies luidt de aanbeveling voor het plangebied Heenvliet Burghtweg (gemeente Bernisse) dat er geen voorzieningen getroffen hoeven te worden om archeologische waarden te behouden of te ontzien. Zonder verder archeologisch onderzoek kan worden gestart met de voorgenomen werkzaamheden. Benadruk wordt dat bij planwijzigingen (vooral met betrekking tot ontgravingsdieptes) deze opnieuw ter beoordeling aan de gemeente Bernisse dienen te worden voorgelegd.
Date: 05/08/2014 (veldwerk)