In opdracht van Rho Adviseurs voor leefruimte zijn in juli 2013 een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek (IVO), verkennende fase, uitgevoerd in verband met de geplande (her)ontwikkeling van het plangebied aan de Achterweg (ong) in Noordwijk, gemeente Noordwijk. Uit het veldonderzoek blijkt dat perceel 821 aan de noordzijde van het plangebied verstoord is tot een diepte van ongeveer 3,0 m –mv. In dit gebied zullen daarom geen archeologische resten meer voorkomen. In de rest van het plangebied is de bodemopbouw aangetroffen die verwacht werd op basis van het bureauonderzoek. Op een niveau van -0,6 tot -0,4 m NAP in het noordwesten tot -1,1 tot -1,3 m in het zuidoosten (respectievelijk 0,9 tot 1,2 m –mv en 1,4 tot 1,6 m –mv) komt een begraven bodem voor op de top van een duinlandschap. Dit niveau heeft een hoge archeologische verwachting, met name voor de IJzertijd, maar omdat geen exacte dateringen bekend zijn van de verschillende afzettingen kunnen ook archeologische resten voorkomen uit de periode Neolithicum tot en met Late Middeleeuwen. Op het gedeelte van het plangebied dat bestaat ui een begraven duinlandschap kunnen in de bodem nederzettingsresten voorkomen. In de laagte ten zuidoosten van de duinen zullen voornamelijk de resten van landbouwwerkzaamheden voorkomen.Op basis van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt geadviseerd om vervolgonderzoek uit te laten voeren indien in dit gedeelte van het plangebied de verstoringen./graafwerkzaamheden dieper zullen reiken dan het humeuze niveau dat vanaf 0,9 m –mv is aangetroffen. Een dergelijk vervolgonderzoek kan, indien noodzakelijk, het beste bestaan uit een proefsleuvenonderzoek.
Archeologisch bureauonderzoek & Inventariserend Veldonderzoek, verkennende fase