ADC ArcheoProjecten heeft op 3 mei 2023 een archeologische begeleiding conform protocol opgraven uitgevoerd in plangebied Westvest 143-149in Delft in verband met toekomstige nieuwbouw. In het plangebied is de bestaande bebouwing meer dan een jaar geleden al gesloopt om plaats te maken voor een nieuw bedrijfsgebouw. Ten behoeve van de nieuwbouw zou de ondergrond ca. 80 cm -mv worden ontgraven. Omdat het
archeologisch niveau zich al direct onder het maaiveld kon bevinden, zouden eventueel aanwezige waardevolle archeologische resten vrijwel zeker worden aangetast of verstoord door de voorgenomen ontwikkeling. Het plangebied is gelegen in de historische kern van Delft en heeft een hoge verwachting op het aantreffen van archeologische resten uit de periode Middeleeuwen-Nieuwe tijd. Het plangebied is zeker vanaf 1712 bebouwd geweest en deze bebouwing heeft
mogelijk voorgangers gehad. Op basis hiervan heeft het bevoegd gezag bepaald dat de civieltechnische graafwerkzaamheden plaats moesten vinden onder archeologische begeleiding. Het archeologisch begeleiden van de sloop van de bestaande bebouwing staat in het PvE, maar maakt geen onderdeel uit van dit onderzoek, aangezien het pand al meer dan een jaar geleden is gesloopt. Tevens bleek het terrein al grotendeels op de benodigde diepte te liggen voor de
geplande nieuwbouw, waarschijnlijk door de sloop van de voormalige bebouwing. Van het uitgraven van een bouwkuip tot 80 cm diepte zoals in het PvE werd gesteld, was dan ook geen sprake. Enkel op de locatie van de nieuwe funderingspalen is over een klein oppervlak nog een smalle strook uitgegraven tot maximaal 20 cm diep. Ondanks de beperkte graafwerkzaamheden, zowel qua oppervlakte als qua diepte, kwamen er direct vanaf het huidige maaiveld muurresten en funderingen tevoorschijn. Deze konden echter maar beperkt worden onderzocht, omdat er niet dieper gegraven hoefde te worden voor de nieuwbouw. De muurresten/funderingen behoren tot een kelder waarvan aan de oostzijde ook een
traptrede bewaard is gebleven. Op basis van de gebruikte bakstenen, het kleine baksteenformaat, het vermoedelijke gebruik van portlandcement om de binnenkant af te smeren en de betonvloer moet de kelder uit de 19e of 20e eeuw dateren. De beperkte graafdiepte zorgde er wel voor dat
bijna al deze resten in situ behouden konden blijven.