Een archeologische opgraving van meerdere mesolithische kampementen op de locatie van de toekomstige Brede School te Oostwold, gemeente Oldambt (Gr.)

DOI

Samengevat kan de hier besproken vindplaats worden ge¨ınterpreteerd als een zandrug waarop meerdere vuursteenconcentraties zijn aangetroffen. Deze vormen duidelijk geen onderdeel van een niet-interpreteerbare palimpsest van materiaal. Binnen het opgravingsareaal lijkt het te gaan om vijf duidelijke in tijd en ruimte gescheiden concentraties.Geen van deze vijf concentraties is volledig onderzocht waardoor de omvang ervan niet bekend is. Het niet volledig opgraven van deze concentraties betekent dat er geen inzicht is verkregen in de binnen deze concentraties voorkomende artefactenassemblages en de werktuigenspectra. Deze combinatie maakt het niet mogelijk om te bepalen om wat soort kampementen het hier gaat. Op basis van het huidige beperkte aantal werktuigen, lijkt een interpretatie als diverse extraction camps (jachtkampen) het meest waarschijnlijke en mogelijk een enkel fragment van een basiskamp. Echter uitgaande van de huidige veronderstelde afmetingen zou deze interpretatie niet correct zijn, aangezien vier van de herleide vuursteenconcentraties te groot zijn om als extraction camp te worden geınterpreteerd. De afwezigheid van grondsporen lijkt daarentegen weer te wijzen op een interpretatie als tijdelijke kampementen, maar dit kan (met kanttekeningen) ook verklaard worden vanuit de plaatsgevonden egalisatie en de aangetroffen verstoringen.Hoewel de voorgeschreven opgravingsstrategie zeker debet is aan het onvolledige interpretatie beeld dat hier wordt geschetst, is ook duidelijk dat de aangetroffen verstoringen voor een groot deel van de vindplaats het onmogelijk zou hebben gemaakt tot verdere interpretatie. Het huidige onderzoek is een poging tot het vinden van een balans tussen de veronderstelde informatiewaarden en de aan het onderzoek verbonden kosten. De bepaling in welke mate dit een geslaagde balans is, valt buiten het kader van dit onderzoek. Gezien de resultaten van het onderzoek moet na afloop worden afgevraagd of een andere opgravingsstrategie niet geschikter was geweest. Hoewel een groot deel van de zandrug sterk is verstoord, is binnen het opgravingsareaal aan de westelijke zijde over een groot deel een relatief onverstoorde bodemopbouw aangetroffen. In deze onverstoorde bodem zijn twee vuursteenclusters aangetroffen die waarschijnlijk volledig onderzocht hadden kunnen worden.Op basis van de onderzoeksresultaten kan achteraf worden geconcludeerd dat het wellicht beter was geweest om de opgraving te beginnen (in plaats van te beeindigen) met het verwijderen van de bovengrond om zo de verstoringen in beeld te brengen.Vervolgens dan in het onverstoorde deel volgens de standaard onderzoeksmethode een systematisch grid van 50×50cm vakken uit te zetten en deze handmatig op te graven (en zeven). Zodoende was tijdens het veldwerk inzicht verkregen in aanwezige clusters waarna in het veld via overleg met het bevoegd gezag verdere besluitvorming kon plaatsvinden. De meest belovende locaties zouden dan volledig en secuur kunnen worden opgegraven waardoor het mogelijk zou zijn geweest deze te interpreteren en te dateren, terwijl de rest zou worden vrijgegeven. Aangezien deze conclusie is getrokken op basis van de resultaten van het onderzochte deel, dient dit dan ook als aanbeveling voor verdere archeologische werkzaamheden op deze locatie, aangezien booronderzoek en niet systematisch geplaatste opgravingsputjes niet geschikt bleken te zijn om de verstoringen nauwkeurig genoeg in beeld brengen voor Steentijd vindplaatsen.Zoals vastgesteld op een onderzoeksdag in 2002 op de toenmalige Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek (het huidige RCE), vormen Steentijdvindplaatsen binnen Nederland de grootste, maar ook minst onderzochte groep vindplaatsen.Hoewel door deze vindplaats goed te onderzoeken binnen de aanwezige beperkingen geen nieuwe inzichten zouden zijn verkregen, zou het wel hebben geleidt tot een verdere invulling van het volledige beeld van het Mesolithicum in Nederland.

Issued: 22 oktober 2010

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/DANS-2B3-2WD4
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/DANS-2B3-2WD4
Provenance
Creator Archaeological Research en Consultancy; Veldhuis, J.R.
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor M.C. Blom; Burmann, H.H.; Pleszynski, A.; Schomaker, B.; Malssen, N. van; ARC bv
Publication Year 2011
Rights CC0-1.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/publicdomain/zero/1.0
OpenAccess true
Contact M.C. Blom (ARC bv)
Representation
Resource Type Dataset
Format image/jpeg; text/csv; application/pdf; text/plain; text/xml; text/comma-separated-values; audio/midi; application/vnd.mif
Size 2595568; 2505912; 2379089; 2315539; 2349079; 2227361; 2403775; 2842225; 2507077; 2777487; 2195029; 2619601; 2446138; 2514377; 1558565; 2255203; 2435841; 2277493; 2473437; 376; 1256; 6610875; 2815; 198; 150; 149; 346067; 19723; 388668; 353823; 344304; 321774; 288580; 288308; 8943; 1555; 134; 139; 9118; 329429; 740; 89; 6977; 101; 555; 570; 629; 160; 590; 224; 181; 214; 586; 405; 171; 82; 16; 297; 7112; 674; 106; 221529; 5126; 154; 42; 2992; 28; 14; 354; 2428; 657; 56; 4718; 4950; 1326; 1384; 13; 1790; 2051; 2602; 2573; 112; 66282; 141; 81858; 26; 4839; 3098; 21179; 310; 361153; 361172; 124154; 353159; 122971; 196534; 291333; 291342; 263332; 263357; 263300; 190301; 190304; 190327; 127783; 127777; 202278; 202273; 288677; 198786; 139968; 77666; 149789; 283633; 3869829; 5130044; 128963; 200259; 200262; 271230; 264020; 263983; 393883; 256370; 256366; 356680; 183905; 183933; 6591; 161; 874; 46; 15; 10305; 289; 12; 455; 397; 339; 426; 514; 659; 11; 4401; 5706; 10241; 5164; 148; 50; 5928; 5197; 25023; 73; 16251; 188
Version 2.1
Discipline Humanities