In opdracht van Liander heeft Sweco Nederland B.V. een bureauonderzoek uitgevoerd voor het
plangebied NuLelie (Netuitbreiding Lelie) tracé Lemmer. Het tracédeel ligt in Oosterzee,
gemeente De Fryske Marren en is ca. 8 km lang. De aanleiding voor dit bureauonderzoek is de
aanleg van voldoende aanlever- en teruglever vermogen in het elektriciteitsnet in de provincies
Fryslân en een klein deel in Overijssel. De kabels zullen op een diepte van ca. 80 cm – mv
worden gelegd op gemeentelijke gronden en op 1,2 m -mv op private gronden.
De vraagstelling voor het onderzoek is: welke archeologische waarden zijn in het plangebied
(mogelijk) aanwezig en in hoeverre hebben de geplande ingrepen invloed op deze
archeologische waarden?
Op basis van de resultaten van dit bureauonderzoek geldt er voor het plangebied een
middelhoge tot hoge verwachting op archeologische resten vanaf het Laat Paleolithicum tot en
met het Vroeg Neolithicum. De archeologische verwachting is hoog op de hoger gelegen delen
zoals dekzandkoppen of dekzandruggen en middelhoog voor het resterende tracé. Gezien de
vernatting van de regio vanaf het Neolithicum is er een voornamelijk lage verwachting voor
resten uit de Bronstijd. Er geldt een middelhoge verwachting voor de hoger gelegen delen zoals
dekzandkoppen. Pas vanaf de IJzertijd kunnen mensen op het veen zijn gaan wonen door
delen van het veen te ontwateren, maar grootschalige veenontginning en bewoning kwam pas
tijdens de Middeleeuwen op gang. Hierbij geldt er een middelhoge verwachting op
archeologische resten vanaf de IJzertijd tot en met de Middeleeuwen. Ter hoogte van de
huisterp en bewoningslinten/dorpen geldt er een hoge trefkans op het aantreffen op
archeologische resten hiervoor. Voor het veengebied geldt een lage verwachting voor deze
periode. De Kadastrale Minuutplan en overige kaarten laten zien dat er in de 18e tot de 20e
eeuw vrijwel geen bebouwing aanwezig is in het plangebied, of in de directe omgeving. Het
tracé kruist geen historische bebouwing. Enkel ter hoogte van de bestaande plaatsen
Oosterdorp en Langelille komt het tracé in de buurt van bebouwing. De archeologische
verwachting voor deze plaatsen is dan ook middelhoog voor de Nieuwe tijd. Voor het overige
deel van het tracé is de verwachting laag. De voorgenomen werkzaamheden kunnen de
mogelijke archeologische waarden in het gebied verstoren.
Geadviseerd wordt voor het gedeelte van het tracé dat wordt aangelegd door middel van een
open ontgraving en dat is gesitueerd in de gele zone op de Advieskaart een verkennend
booronderzoek uit te voeren. Hierbij wordt geadviseerd dat boringen bij een lijnsegment om de
50 meter worden gezet met een edelmanboor met een diameter van 7 cm. Gezien de diepte
waarop de kabels worden aangelegd op de private grond wordt een diepte van 1,6 m -mv
gehanteerd voor de boringen. Daarom dienen de boringen tot maximaal 1,6 m onder maaiveld
of 0,3 m in de C-horizont te worden gezet.
Voor de oranje zone is er een mogelijke verdichting van het grid noodzakelijk. Mocht er ter
hoogte van deze zone een (deels) intacte podzolbodem worden aangetroffen dan wordt
geadviseerd de boringen op een kortere afstand van 25 meter te plaatsen.
Het is tijdens het opstellen van het Plan van Aanpak belangrijk om te kijken naar de exacte
locatie van het tracé. Mogelijk kunnen er boorpunten afvallen wanneer deze zich dichtbij
bestaande kabels en leidingen bevinden.
De bevoegde overheid neemt op basis van dit rapport een (selectie)besluit. De mogelijkheid
bestaat dat dit besluit afwijkt van het door ons opgestelde advies.
Selectieadvies gemeente Steenwijkerland
Wat betreft de gemeente Steenwijkerland zijn de verstorende werkzaamheden zeer beperkt;
ook is met de nieuwste inzichten recent de omgeving van AMK-terrein 13231 opnieuw in kaart
gebracht. Op basis daarvan is het niet nodig om de boringen ter plaatse van dit AMK-terrein uit
te voeren: het tracé ligt daarbuiten. Bovendien wijst de ervaring uit dat je in een sleuf maar zeer
beperkte waarnemingsmogelijkheden hebt; de verstoring is bovendien beperkt. Het advies wat
betreft het vervolgonderzoek binnen de grenzen van de gemeente Steenwijkerland wordt niet
overgenomen. In de gemeente Steenwijkerland is er geen archeologisch vervolgonderzoek
noodzakelijk.