Op 1 en 2 juni 2021 heeft Antea Group in opdracht van Verhoeven Contracting n.v. een archeologisch proefsleuvenonderzoek uitgevoerd voor het plangebied ‘Oordeelsestraat 32’ te Baarle-Nassau, gemeente Baarle-Nassau.
Verhoeven Contracting n.v heeft de bestaande bebouwing in het plangebied laten slopen en gaat nieuwbouw te ontwikkelen. De geplande bouwwerkzaamheden worden daarbij zowel op Nederlands als op Belgisch grondgebied uitgevoerd. Dit evaluatierapport gaat over het deel van het plangebied dat op Nederlands grondgebied gelegen is.
De huidige bebouwing is gesloopt om plaats te maken voor een nieuw bedrijfsverzamelgebouw. Hierbij zullen de bestaande betonvloeren en buitenverhardingen in beton verwijderd worden, alsook de bestaande fundering. Het nieuwe gebouw zal op poeren worden gefundeerd.
Conform het gemeentelijk beleid worden bij de voorgenomen werkzaamheden de
vrijstellingsgrenzen voor archeologisch onderzoek overschreden waardoor er een
onderzoeksplicht geldt. Op basis van het vooraf uitgevoerde bureauonderzoek1 geldt in het gebied een hoge verwachting op bewoningsresten uit het neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen. Eventuele archeologische resten uit deze perioden kunnen worden verwacht onder het aanwezige plaggendek, in de intacte top van de C-horizont.
Resultaten
Ter plaatse van werkput 2, 3 en 4 zijn archeologische sporen aangetroffen waardoor sprake is van een vindplaats. Een kleine cluster aan sporen, namelijk 3 mogelijke (paal)kuilen, is alleen aangetroffen in werkput 2 in het zuidelijk deel van het plangebied. Er zijn echter geen aanwijzingen voor structuren, zoals huisplattegronden of bijgebouwen, waargenomen. Mogelijk gaat het om de periferie van een erf of om sporen van agrarisch landgebruik. Omdat in de sporen
geen dateerbaar materiaal is aangetroffen, is de datering niet bekend, maar op basis van de relatief donkere spoorvulling ligt een datering in de late middeleeuwen voor de hand. Het kan echter niet worden uitgesloten dat (een deel van) de sporen een vroegere datering hebben.
Advies
Ter plaatse van werkput 2, 3 en 4 zijn archeologische sporen aangetroffen waardoor sprake is van een vindplaats. De vindplaats is op basis van de waardestelling echter niet behoudenswaardig.
Geadviseerd wordt om het plangebied daarom vrij te geven van archeologisch vervolgonderzoek. Voorafgaande aan deze rapportage is voor het proefsleuvenonderzoek een evaluatieverslag opgesteld. Het evaluatieverslag is goedgekeurd door het bevoegd gezien, waarna een Ontwerp Selectiebesluit is gemaakt. Op basis van dit besluit heeft de bevoegde overheid ingestemd om
geen vervolgonderzoek uit te voeren. Wel geldt op basis van het ontwerpbesluit, behoudt in situ voor de aangetroffen archeologische vindplaats. Als voorwaarde in het Ontwerp Selectiebesluit is gesteld dat hiertoe een behoudsmaatregelenplan moet worden opgezet. Op basis van de uitwerking en daaruit voortvloeiend voortschrijdend inzicht en onderhavige eindrapportage is echter geconcludeerd dat de vindplaats niet behoudenswaardig is, waarmee de noodzaak tot behoud van de vindplaats in situ (en daarmee het behoudsmaatregelenplan) komt te vervallen.
Het bovenstaande advies is goedgekeurd door het bevoegd gezag, in deze de gemeente Baarle-Nassau.