Archeologisch bureau- en verkennend veldonderzoek door middel van boringen Vloeiweg (ong.) te Oisterwijk (gemeente Oisterwijk)

DOI

De onderzoekslocatie ligt volgens de Archeologische Beleidskaart van de gemeente Oisterwijk (2018) en volgens het bestemmingsplan Centrum Oisterwijk (2017) in een zone ‘Waarde – Archeologie 1’. Het plangebied is op de geomorfologische kaart niet gekarteerd vanwege de ligging in de bebouwde kom van Oisterwijk. Op het kaartbeeld van het AHN is duidelijk te zien dat het plangebied in een lagergelegen zone ligt. Dit betreft het beekdal van de Voorste Stroom. Op basis van de lage landschappelijke ligging is het aannemelijk dat het plangebied in een beekdalbodem ligt. Dit maakt het plangebied geen aantrekkelijke vestigingslocatie voor jager-verzamelaars. Op basis hiervan geldt een lage verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het laat-paleolithicum en het mesolithicum. De lage ligging van het plangebied in een beekdal zal ook voor latere landbouwende samenlevingen geen aantrekkelijke vestigingsplaats zijn geweest. Om deze redenen geldt er ook een lage verwachting voor de periode neolithicum tot vroege middeleeuwen. In het beekdal kunnen offsite verschijnselen worden aangetroffen. Het plangebied ligt aan de Vloeiweg, direct ten zuiden van de van oorsprong laatmiddeleeuwse historische kern van Oisterwijk. Uit bestudering van de historische kaarten blijkt dat begin 19e eeuw het plangebied onbebouwd was en in gebruik was als tuin. Het is niet uit te sluiten dat binnen het plangebied historische bebouwing aanwezig was, al dan niet bestaande uit bijgebouwen van de omringende bebouwing. Op basis van deze gegevens geldt voor het plangebied een middelhoge verwachting voor de periode late middeleeuwen en nieuwe tijd. Op basis van het verkennend veldonderzoek middels boringen kan worden gesteld dat de bodemopbouw binnen het plangebied bestaat uit een AC-bodemprofiel. Deze boringen tonen aan dat het plangebied in een natte omgeving ligt en daarmee niet aantrekkelijk was voor bewoning. Gezien de landschappelijke ligging (natte omstandigheden) worden er geen archeologische sporen meer verwacht in het plangebied uit de periode laat-paleolithicum – vroege middeleeuwen. Om deze reden wordt de kans op het aantreffen van archeologische resten laag geacht voor deze perioden. Echter, gezien de ligging nabij de laatmiddeleeuwse dorpskern van Oisterwijk kan niet uitgesloten worden dat er historische bebouwing aanwezig was, al dan niet bestaande uit bijgebouwen van de omringende bebouwing. Op basis hiervan blijft de middelhoge verwachting voor de periode late middeleeuwen – nieuwe tijd gehandhaafd. Een veldonderzoek middels boringen is geen geschikte methode voor het opsporen van dieper in gegraven heterogeen verdeelde sporen, zoals muren en funderingsresten. Om deze redenen wordt voor het plangebied een vervolgonderzoek noodzakelijk geacht. Dit vervolgonderzoek vindt bij voorkeur in de vorm van een proefsleuvenonderzoek plaats.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/AR/0NHIOO
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/AR/0NHIOO
Provenance
Creator L. Kruithof; D. Hagens
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor Vroomans, M.A.K.; Aeres Milieu
Publication Year 2024
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact Vroomans, M.A.K. (Aeres Milieu)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf
Size 27385594
Version 1.0
Discipline Humanities