De onderzoekslocatie ligt op de overgang van de oostelijke Veluwe naar het IJsseldal op een daluitspoelingswaaier. Op de locatie worden zwarte enkeerdgronden verwacht. Deze gronden hebben een hoge verwachting op archeologische resten.De omgeving was vanaf het Laat-Glaciaal geschikt voor bewoning, waardoor de archeologische verwachting betrekking heeft op resten vanaf het Laat-Paleolithicum.In het esdek zijn resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe Tijd te verwachten.Eventuele sporen uit eerdere perioden zijn hieronder te verwachten. Uit het karterend booronderzoek is gebleken dat de bodem op de locatie voor het grootste deel is verstoord tot in de C-horizont op een diepte van 95 tot 130 cm –mv. Het betreft een recente verstoring. Hieronder zijn op de hele locatie glaciofluviale afzettingen van de datuitspoelingswaaier aanwezig. In geen van de boringen zijn archeologische indicatoren aangetroffen. Hierdoor kan geconcludeerd worden dat er door de recente verstoring geen archeologische waarden meer op de onderzoekslocatie zijn te verwachten.
Issued: Mei 2010