Onderzoek naar een samengesteld dwarshuis dat achtereenvolgens bestaat uit een in hoogte afnemende hoogbouw, laagbouw en een schegvormige aanbouw. Het gebouw heeft een oorsprong in de zestiende eeuw als commandeurswoning van de St. Johannieterorde te ’s Heerenloo.
In 1686 werd het gebouw door het stadsbestuur van Harderwijk verkocht aan de Gelderse Academie ten behoeve van het onderwijs in anatomie (tot 1715), botanie en chemie. Hiertoe werd het gebouw in de periode tussen 1693 – 1706 verbouwd. De schegvormige aanbouw is waarschijnlijk aan het eind van de achttiende eeuw ontstaan. De zuidwand van deze aanbouw betreft de achterwand van stookkassen die zich ten zuiden daarvan hebben bevonden. Waarschijnlijk was deze zuidwand een bestaande (fruit)muur waartegen de muurkassen gebouwd waren.
In 1816, 1927 en 1974-1976 werd het gebouw gerestaureerd. Tijdens de laatste restauratie werd de achttiende-eeuwse stoep tegen de linker zijgevel verwijderd en bijbehorende doorgang in de linker zijgevel dichtgemetseld.