In opdracht van de heer Wildenborg heeft het onderzoeks- en adviesbureau voor Bouwhistorie, Archeologie, Architectuurhistorie en Cultuurhistorie (BAAC bv) een bureauonderzoek en een inventariserend archeologisch veldonderzoek (karterende fase) uitgevoerd voor het plangebied Alsteedseweg 17 te Buurse. Aanleiding voor dit onderzoek is het voornemen om een nieuwe stal te bouwen met een oppervlak van 450 m². Ten gevolge van de voorgenomen bodemingrepen bestaat er een gerede kans dat archeologische waarden verstoord of vernietigd zullen worden. De verstoringsdiepte van de voorgenomen bodemingrepen bedraagt ongeveer 1 m beneden maaiveld.Conclusie:Over het algemeen is er een intact esdek aangetroffen met een dikte van maximaal 90 cm, waaronder een begraven ploeglaag en resten van een begraven podzolbodem zijn aangetroffen.Uit het gebied zijn geen archeologische waarden bekend. Op grond van de vondsten in boring 4 en de uitgevoerde onderzoeken ten westen van het plangebied worden er in het plangebied archeologische waarden uit de Late Bronstijd tot en met de Vroege Middeleeuwen verwacht. Ook oudere bewoningssporen zijn niet uit te sluiten.Archeologische waarden worden binnen het gehele plangebied verwacht. Vondsten worden verwacht vanaf de onderzijde (110-120 cm beneden maaiveld) van het esdek en sporen worden verwacht vanaf de onderzijde van de begraven ploeglaag op een diepte van 130-150 cm beneden maaiveld.Tijdens het onderzoek is aardewerk uit de IJzertijd aangetroffen, alsmede huttenleem dat dateert in de periode Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd. Eventueel aanwezige archeologische resten zullen waarschijnlijk uit de Late Bronstijd tot en met de Vroege Middeleeuwen stammen. Er worden nederzettingssporen verwacht van boerderijen met bijbehorende erven, waterputten en afvalkuilen, waarbij de top van de archeologische laag wordt gekenmerkt door een strooiing van aardewerk, huttenleem en houtskool.Selectieadvies:Indien de schuur inderdaad op poeren (12-14 stuks) tot in het gele zand van de Chorizont wordt gebouwd, waarbij de verstoring van de bodem per poer niet meer dan 1 m² bedraagt, dan wordt (gezien de geringe verstoring van de bodem en de kleine kans dat precies in een poergat een spoor aanwezig is) aanbevolen om geen vervolgonderzoek uit te voeren.Als wel het hele schuuroppervlak van 15 x 30 m tot in het gele zand van de C-horizont wordt uitgegraven, dan wordt mede gezien de onderzoeksresultaten in de directe omgeving een Definitieve Opgraving (DO) aanbevolen ter grootte van de bouwput.