Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de 'herontwikkeling Taets van Amerongenweg' te Renswoude, gemeente Renswoude. Ruimtelijk advies op basis van bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek

DOI

Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft in opdracht van de gemeente Renswoude een archeologisch bureauonderzoek en een inventariserend veldonderzoek door middel van verkennende/karterende boringen verricht voor een plangebied aan de Taets van Amerongenweg te Renswoude, gemeente Renswoude (kaart 1, afbeelding 1). Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 1,9 hectare en is momenteel deels bebouwd en verhard (bebouwde kom). In het zuidelijk deel van het plangebied is de zone tussen de bebouwing van de Taets van Amerongenweg en de Van Reedeweg in gebruik als moestuin. De herontwikkeling zal in twee fases worden uitgevoerd; de huidige uitvraag betreft fase 1 waarbij de huidige bebouwing zal worden gesloopt en nieuwbouw van woningen zal worden gerealiseerd (afbeelding 2). Onderdeel van de eerste fase is de reconstructie van het openbaar gebied (aanleg/vervanging van riolering etc.) langs de Taets van Amerongenweg. Onbekend is nog tot welke exacte diepte hier de mogelijke ingrepen zullen reiken, maar gezien de voorgenomen werkzaamheden zal deze naar verwachting tot in de archeologisch relevante lagen reiken. Voorafgaand aan de ingrepen dient in kaart te worden gebracht of er mogelijk archeologische waarden in het geding zijn. Het plangebied had op basis van het bureauonderzoek een verhoogde archeologische verwachting op het in situ aantreffen van archeologische vondsten en sporen vanaf het Laat-Paleolithicum/Neolithicum tot en met de Late Middeleeuwen. Het plangebied ligt op een hoger gelegen dekzandrug hetgeen in het verleden een aantrekkelijke locatie is geweest voor bewoning. Voor de periode Nieuwe Tijd is er sprake van een vastgestelde archeologische waarde voor het noordelijke deel van het plangebied dat binnen de begrenzing ligt van het AMK-terrein 12.251 (de historische kern van Renswoude). De zuidelijke grens van dit AMK- terrein is echter ver doorgetrokken; eventuele resten die verband houden met bebouwing uit het vroegste begin van de plaats Renswoude worden binnen het plangebied niet verwacht. Hiervoor ligt het plangebied te ver van de Dorpsstraat af. Uitzondering geldt voor het uiterste oosten van het plangebied waar op basis van historisch kaartmateriaal wel sprake is van bebouwing. Onder de bestrating van het huidige Kerkpad liggen mogelijk nog de resten van een huisje (mogelijk een pastorie) dat staat aangegeven op de Kadasterkaart 1811- 1832, maar dat vermoedelijk tussen 1811/1832 en 1850 is gesloopt. In aanvulling op het bureauonderzoek is vervolgens een inventariserend veldonderzoek uitgevoerd door middel van verkennende/karterende boringen. Tijdens het veldonderzoek is vastgesteld dat het plangebied is gelegen op een dekzandrug bestaande uit matig fijn zwak lemig zand, waarop in de Late Middeleeuwen/ Nieuwe Tijd een cultuurdek is opgeworpen. Dit cultuurdek is in slechts twee boringen aangetroffen. In de meeste boringen is sprake van een verstoord bodemprofiel op dekzand. Hier zouden nog archeologische vindplaatsen uit de prehistorie tot aan de Late Middeleeuwen in gave toestand in de bodem aanwezig kunnen zijn. Ondanks de boordiameter van 15 cm en het zeven van het opgeboorde sediment zijn geen aanwijzingen gevonden dat hier vindplaatsen aanwezig zouden kunnen zijn. In de overige boringen is veelal sprake van een verstoord bodemprofiel op dekzand. De top van het dekzand is verstoord, dan wel afgetopt. Theoretisch gezien zouden in het gehele plangebied nog vindplaatsen uit de Nieuwe Tijd aanwezig kunnen zijn; het plangebied lag echter ver verwijderd van de oude kern langs de Dorpsstraat waardoor dit niet waarschijnlijk lijkt. Uitzondering hierop vormt het meest oostelijke deel van het plangebied waar zich mogelijk restanten van een vindplaats uit de Nieuwe Tijd bevinden, bestaande uit de resten van een huisje dat stamt uit in ieder geval het begin van de 19e eeuw. Mogelijk is deze bebouwing te relateren aan de koepelkerk uit de 17e eeuw, bijvoorbeeld een pastoriewoning. Dit kan interessante informatie opleveren in relatie tot de historische ontwikkeling van Renswoude, zoals het recente onderzoek bij het Rechthuis aan de Dorpsstraat 44. Op basis van het booronderzoek kan echter geen uitspraak worden gedaan over de eventuele conservering en waardering van deze resten. Daarvoor is een booronderzoek niet de geëigende methode. Op basis van de KLIC melding zijn er geen of weinig kabels en leidingen binnen dit gedeelte van het Kerkpad; het is echter nog steeds mogelijk dat de bodemroerende ingrepen tijdens de sloop van het huis in het midden van de 19e eeuw en/of de latere ingrepen aan het Kerkpad van een dusdanige aard zijn geweest dat er nauwelijks meer sprake kan zijn van een betekenisvolle archeologische vindplaats. Aan de uiterste oostrand van deze zone kunnen naast resten van bebouwing ook resten van het voormalige kerkhof worden aangetroffen, met menselijk botmateriaal. De kans hierop wordt laag ingeschat maar kan ook niet volledig worden uitgesloten. In het overige deel van het plangebied zijn geen aanwijzingen gevonden die doen vermoeden dat binnen het plangebied een (intacte) archeologische vindplaats aanwezig is.

Issued: 2017-12-14

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/dans-23g-pqpd
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/dans-23g-pqpd
Provenance
Creator W.J. Weerheijm; A. Vissinga; R. Schrijvers
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor W.J. Weerheijm
Publication Year 2017
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact W.J. Weerheijm (Vestigia B.V.)
Representation
Resource Type Dataset
Format text/xml; application/pdf
Size 10166; 9686; 994; 4293; 7045525
Version 1.0
Discipline Humanities