Archeologisch bureau- en booronderzoek Damsterdiep 269 en 275 te Groningen, gemeente Groningen (GR)

DOI

Aanleiding tot het hier beschreven archeologisch inventariserend veldonderzoek (IVO) zijn de plannen van gemeente Groningen dienst RO/EZ om de tijdelijke bewoning aan Damsterdiep 269 en 275 te Groningen om te zetten naar een gelegaliseerde bewoning. Dit gaat gepaard met een bestemmingsplanwijziging. Hiervoor is conform de Wet op de archeologische monumentenzorg een archeologisch vooronderzoek noodzakelijk. Gemeente Groningen dienst RO/EZ heeft MUG Ingenieursbureau, afdeling Archeologie, opdracht gegeven het IVO uit te voeren. Het onderzoek bestond uit een (beknopt) bureauonderzoek en een inventariserend booronderzoek.Uit de bodemkaart blijkt dat de bodem in het onderzoeksgebied bestaat uit knippoldervaaggronden. Op de geomorfologische kaart is het gebied niet gekarteerd. Op basis van gegevens verstrekt door gemeente Groningen (mevrouw F. Veenman) ligt het onderzoeksgebeid in het oude stroomdal van de Hunze en kunnen zich in de ondergrond oeverwallen bevinden, waarop vanaf de ijzertijd bewoning mogelijk was. Het terrein is in gebruik voor tijdelijke bewoning (containers) met omliggende trottoirs, fietsenstallingen, parkeerplaatsen en groenstroken. Op de kaart uit 1811-1832 is het gebied ontgonnen. Het ligt aan een trekvaart. Vanaf deze periode tot en met de huidige tijd heeft diverse bebouwing op de onderzoekslocatie gestaan. Ook zijn kabels en leidingen aanwezig. Dit zal gezorgd hebben voor bodemverstoring. De verwachtingskaart van de gemeente Groningen (concept) gaat voor het gebied uit van een middelhoge verwachtingswaarde. Uit het onderzoeksgebied en de omgeving zijn geen archeologische waarden bekend.Uit het booronderzoek blijkt dat de bodemopbouw in het onderzoeksgebied bestaat uit een toplaag met een bouwvoor/verstoorde laag en/of opgebracht zand. Het opgebrachte zand is in alle boringen aanwezig. In de meeste boringen is daarnaast een bouwvoor (boringen in de groenstroken) en/of verstoorde (klei)laag te onderscheiden. Onder deze toplaag bevinden zich getijdeafzettingen (klei). In ongeveer de helft van de boringen zijn hieronder kwelderafzettingen aangeboord (klei met zandlagen). In vijf boringen is een humeus laagje in de getijdeafzettingen aangetroffen, dat is geïnterpreteerd als vegetatieniveau (boringen 7, 13, 15, 18 en 19). Deze laag is te beschouwen als oud oppervlak. Mogelijk was het gebied daarom in deze periode geschikt voor menselijke bewoning. Er zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen, afgezien van recent puin in de verstoorde laag.Er wordt aanbevolen in dat deel van het plangebied waar in meerdere boringen een vegetatieniveau is aangetroffen, rond boringen 13, 15, 18 en 19, vervolgonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek uit te voeren. De archeologisch relevante laag is aangetroffen vanaf een diepte van 1,70 m-mv. Het proefsleuvenonderzoek hoeft daarom pas uitgevoerd te worden bij bodemverstorende ingrepen dieper dan 1,50 m-mv. Voor het proefsleuvenonderzoek is een door het bevoegd gezag goedgekeurd Programma van Eisen noodzakelijk.Voor het overige deel van het onderzoeksgebied wordt aanbevolen het gebied vrij te geven. Wanneer bij de uitvoering van bodemverstorende ingrepen onverhoopt grondsporen en/of vondsten worden aangetroffen, dient hiervan direct melding te worden gemaakt bij de gemeentelijk archeoloog de heer drs. G.L.G.A. Kortekaas.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/dans-zms-gmxr
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/dans-zms-gmxr
Provenance
Creator Krol, T.N.
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor A. Spoelstra; MUG Ingenieursbureau b.v.
Publication Year 2011
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact A. Spoelstra (MUG Ingenieursbureau b.v.)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf; text/xml
Size 161961; 1544264; 6763; 6732; 1386; 3469
Version 1.0
Discipline Humanities