Het plangebied bevindt zich binnen een monumententerrein van archeologische waarde. Het betreft AMK-terrein 13975, de historische stadskern van Rijssen, waarbinnen de omwalling uit de 13e eeuw huisplaatsen (boerderijen) uit de Late Middeleeuwen tot en met de Nieuwe Tijd verwacht worden. Langs de belangrijke uitvalsweg, de Grotestraat, zijn binnen het plangebied minimaal zes boerderijkavels bekend, die halverwege de 18e eeuw al bebouwd waren (Bijlage 2 en Fig. 2.4). Op basis van de ligging binnen de historische kern van Rijssen en de aanwezigheid van laatmiddeleeuwse boerderijen geldt er een specifiek (zeer) hoge verwachting op het aantreffen van archeologische resten uit de periode Late Middeleeuwen tot en met de Nieuwe Tijd (complextype: boerderij, huisplaatsen met achtererven, afvalkuilen, waterputten, beerputten en verkavelingsgreppels) voor het gehele plangebied. Funderings- en/of muurresten eventueel in combinatie met uitbraaksleuven worden voornamelijk verwacht aan de straatzijden van de Grotestraat en de Rozengaarde (zie Fig. 2.4, 2.6 en bijlage 2). Onder of ter plaatse van de fundering(sresten) van de huidige (gesloopte) bebouwing kunnen eventueel aanwezige resten vanaf ca. 90 cm - =mv voorkomen. Ter plekke van de aanwezige kelders is de verstoringsdiepte meer dan 2 m en worden geen archeologische resten meer verwacht. Ter plekke van de aanwezige kelders in het plangebied geldt derhalve dan een lage verwachting voor alle perioden. Landschappelijk gezien bevindt het plangebied zich op relatief hoog gelegen gordeldekzandwelvingen, op de overgang van een stuwwal naar het lager gelegen beekdal van de Regge, die vanaf de Volle Middeleeuwen zijn afgedekt door een esdek (plaggendek). Bodemkundig worden derhalve dan ook hoge zwarte enkeerdgronden verwacht. Op basis van de ouderdom van de gordeldekzandwelvingen kunnen in principe archeologische resten worden verwacht vanaf het Laat-Paleolithicum. Op dergelijke landschappelijke overgangen is normaliter een grote verscheidenheid aan flora en fauna aanwezig, waar jagers en verzamelaars graag bivakkeerden (complextype: nederzetting, klein jacht- en/of verzamelaarskampement). Dit wordt bevestigd door waarnemingen uit het Neolithicum (voornamelijk vuurstenen bijlen), die in de nabije omgeving van het plangebied bekend zijn. Vanwege het feit dat het plangebied zich binnen de historische stadskern van Rijssen bevindt is het oorspronkelijke leefoppervlak met bijbehorend podzolprofiel echter vermoedelijk tot in het C-materiaal verstoord. Op basis van bovenstaande gegevens geldt vooralsnog een middelhoge archeologische verwachting op het aantreffen van archeologische resten uit de periode Laat-Paleolithicum tot en met het Neolithicum (complextype: jacht- en/of verzamelaarskampement). Voor de gekelderde en /of recent bebouwde gebieden geldt een lage archeologische verwachting op het aantreffen van archeologische resten 'in situ' voor alle perioden tot en met de Vroege Middeleeuwen. Bij de aanwezigheid van een intact esdek kunnen archeologische vondsten en bewoningssporen worden verwacht aan de basis van het esdek en in de top (Ah-, E-, Bh- en Bs-horizonten) van een eventueel daar onder begraven bodemprofiel (meestal een humuspodzol). Uit de periode Bronstijd tot en met de Romeinse Tijd zijn in de directe omgeving van het plangebied enkele waarnemingen bekend (IJzertijd nederzetting, bronzen kokerbijl, Romeinse munt). Landschappelijk gezien ligt het plangebied gunstig op een hoog gelegen gordeldekzandwelving, waarop men zich uitstekend kon vestigen en kleinschalige landbouw kon plegen. Op basis van bovenstaande gegevens geldt voor deze perioden vooralsnog een middelhoge tot hoge archeologische verwachting op het aantreffen van archeologische resten (complextype: nederzetting) op de plekken die niet gekelderd en / of bebouwd zijn. Uit de periode Laat Romeinse Tijd tot en met de Vroege Middeleeuwen zijn weinig vondsten en/of historische informatie bekend. Derhalve geldt voor deze periode een lage tot middelhoge archeologische verwachting op het aantreffen van archeologische resten op de plekken, die niet in later tijden bebouwd en / of gekelderd zijn.