(24972.001) Eindrapportage archeologisch vooronderzoek Hoog Soeren 16 in Hoog Soeren

DOI

Gespecificeerde archeologische verwachting Op basis van het archeologisch bureauonderzoek heeft het plangebied een middelhoge verwachting op het voorkomen van restanten van steentijdbewoning (perioden (Laat-)Paleolithicum t/m Midden-Neolithicum) en een hoge verwachting op het voorkomen van nederzettingssporen van landbouwers (perioden Laat-Neolithicum t/m Middeleeuwen). Het plangebied ligt namelijk in de hellingszone ligt van het stuwwallengebied van de Veluwe en specifiek op een hoger gelegen dalplateau dan wel een dalglooiing. Het plangebied ligt daarmee in een gradiëntzone, echter op grotere afstand van natuurlijke waterbronnen. Het plangebied heeft wel gunstige bodemkundige eigenschappen voor de prehistorische landbouw. Rondom Hoog Soeren liggen verschillende grafvelden, hoofdzakelijk of geheel bestaande uit grotere en kleinere urnenveldheuvels. Het is te verwachten dat in de nabijheid van deze grafvelden nederzettingen hebben gelegen en dat grondbewerking voor de aanleg van akkers heeft plaatsgevonden (mogelijk grondbewerking in de vorm van raatakkers). Dat het plangebied gunstige bodemkundige eigenschappen heeft voor landbouw wordt bevestigd door de ligging binnen de voormalige enk van Hoog Soeren (oud bouwlandcomplex), waar vermoedelijk al eeuwenlang potstal-bemesting heeft plaatsgevonden.

Op basis van het raadplegen van historisch kaartmateriaal is er geen aanleiding dat het plangebied onderdeel is geweest van een historisch erf. Hierdoor is de verwachting op Nieuwe tijd resten/sporen laag. Deze verwachting geldt ook voor de Tweede Wereldoorlog. Ondanks dat het noorden, oosten en zuidoosten van Hoog Soeren onderdeel was van een van de grootste munitieopslagplaatsen van de Duitsers ten tijde van de Tweede Wereldoorlog, worden resten hiervan niet in het plangebied verwacht.

Resultaten inventariserend veldonderzoek De resultaten van het inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) laten zien dat in het centrale tot zuidelijke deel van het plangebied sprake is van een merendeels intacte oorspronkelijke bodemopbouw. De aanwezigheid van een plaggendek/oud-bouwlanddek wordt tevens bevestigd, en is aanwezig onder een laag opgebrachte grond van gemiddeld 40 cm dik. Het intacte/niet recent verstoorde deel van het plaggendek is circa 45 cm dik. Het oorspronkelijke moedermateriaal betreft daluitspoelingswaaierafzettingen/gestuwde afzettingen, welke op grond van de lithologie niet van elkaar kunnen worden onderscheiden. In de top van deze afzettingen heeft zich van nature een holtpodzolbodem/bruine bosgrond gevormd. De oorspronkelijke minerale bovenlaag (A-horizont) en een gedeelte van de Bws-horizont van de holtpodzolbodem/bruine bosgrond zal waarschijnlijk door agrarische bewerking/verploeging zijn opgenomen in het onderste deel van het plaggendek, welke wellicht een oude/fossiele akkerlaag of een oudere fase van plaggenbemesting betreft (fase van vermengingen van bosstrooisel met mest, overgaand naar heideplaggen met mest). Duidelijk is dat het archeologisch potentiële sporenniveau nog merendeels intact aanwezig is. Archeologische sporen, indien aanwezig, zullen meest zichtbaar zijn in de BC- en op de overgang naar de C-horizont, op een diepte van circa 90-105 cm -mv.

Alleen in de noordelijke/noordoostelijke strook van het plangebied hebben vrij diepgaande recente/moderne verstoringen plaatsgevonden, reikend tot zeker 15/35 cm voorbij de oorspronkelijke top van de C-horizont. Daar zal het archeologisch potentiële sporenniveau merendeels, zo niet geheel zijn verstoord.

De verwachting is dat binnen het merendeel van de oppervlakte van de bestaande houten schuur in de westelijke helft van het plangebied, ook sprake is van een intacte bodemopbouw. De ondergrondse delen van de schuur betreft namelijk alleen een betonnen vloer tot een diepte van circa 20 cm -mv (dikke betonplaat liggend direct op zand). Voor de bouw van de schuur is de verwachting dat bodemverstorende ingrepen beperkt zijn gebleven tot alleen de verstoorde bovengrond/bovenlaag (ten gevolge van de inrichting als woonperceel) dan wel hooguit de top van het plaggendek.

Conclusie Geconcludeerd wordt dat het merendeel van het plangebied zijn hoge verwachting behoudt op het voorkomen van archeologische (nederzettings)sporen daterend vanaf het Laat-Neolithicum t/m de Late-Middeleeuwen. Alleen voor de noordelijke/noordoostelijke strook kan de hoge verwachting voor deze perioden bijgesteld worden naar een lage verwachting.

Advies Op grond van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt door Econsultancy de aanbeveling gedaan om binnen het merendeel van het plangebied, waar sprake is van een merendeels intacte bodemopbouw, een vervolgonderzoek te laten uitvoeren (zie kaart 18). Geadviseerd wordt het vervolgonderzoek te laten uitvoeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoek, nadat de houten schuur met betonnen (dikke betonplaat liggend direct op zand) is verwijderd. Wanneer er behoudenswaardige archeologie wordt aangetroffen, kan gekozen een doorstart te maken naar een definitieve opgraving (DO) van maximaal de geplande oppervlakte van de kelder (met een oppervlakte van circa 75 m²). Voor dit onderzoek dient een door de bevoegde overheid (gemeente Apeldoorn) goedgekeurd Programma van Eisen (PvE) te zijn opgesteld, waarin is vastgelegd waaraan het onderzoek moet voldoen.

Gezien de gewenste aanleg van een kelder zal behoud van eventueel aanwezige archeologische waarden niet mogelijk zijn.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/AR/ZU57AR
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/AR/ZU57AR
Provenance
Creator E.M. ten Broeke
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor Broeke, E.M. ten; Sweco
Publication Year 2025
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact Broeke, E.M. ten (Sweco)
Representation
Resource Type Archeologisch prospectief onderzoek; Dataset
Format application/pdf
Size 8316103
Version 1.0
Discipline Humanities
Spatial Coverage Doetinchem