Plangebied Oosterseweg 52c te Zuidwolde Plangebied Oosterseweg 52c te

DOI

Het plangebied is gelegen op de zuidelijke flank van een kleine verhoging die zichtbaar is enkele kilometers ten oosten van het Groningse Zuidwolde (zie ook figuur 3). De direct noordelijk gelegen boerderij, centraal op de verhoging gelegen, maakt deel uit van een verspreide groep boerderijen die bekend staat als (de) Oosterhuizen. Binnen het plangebied zijn waarschijnlijk resten van een verhoogde boerderijplaats of huisterp aanwezig. Er is rond het plangebied sprake van een opstrekkende verkaveling. Het verkavelingspatroon lijkt, in samenspel met de omschreven bodemtypen (leek- en woudeerdgronden op klei), te wijzen op een (middeleeuwse) veenontginning. Er kunnen resten van voorgangers van de huidige boerderij aanwezig zijn. Op basis van landschappelijke gegevens dateert deze boerderijplaats vermoedelijk vanaf de (late) middeleeuwen. Daarnaast moet rekening worden gehouden met resten die een indicatie kunnen zijn voor veenontginningen.Het veldonderzoek had tot doel het verkrijgen van inzicht in de bodemgesteldheid, de mate van bodemverstoring en de diepteligging van het verwachte archeologische niveau in het plangebied.Daarmee wordt de gespecificeerde archeologische verwachting getoetst en waar nodig aangepast en kunnen uitspraken worden gedaan over de gaafheid van archeologisch relevante niveaus. Daartoe zijn 7 boringen zo optimaal mogelijk verspreid geplaatst.Onder de recente bouwvoor en verstoorde laag, blijken in het westelijke deel van het plangebied ophogingslagen aanwezig te zijn die wijzen op een verhoogde boerderijplaats of huisterp. In het oostelijke deel zijn lagen waargenomen die verband houden met de voormalige gracht. Het gaat hierbij om zowel de recente demping maar ook om oudere vullingen die gerelateerd kunnen worden aan de historisch bekende gracht. De ophogingslagen zijn op basis van het aangetroffen aardewerk te dateren vanaf de late middeleeuwen. Op basis van de resultaten van het booronderzoek is niet te zeggen of er sprake is van een voormalig veenlandschap dat is ontgonnen. Eventuele lagen die hierop ku nnen wijzen zijn dan in het verleden al verdwenen. De ophogingslagen zijn namelijk direct gelegen op getijde-afzettingen.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/dans-z9e-swcw
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/dans-z9e-swcw
Provenance
Creator T.W. Varwijk
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor R.C.B. Steenbak
Publication Year 2023
Rights DANS Licence; info:eu-repo/semantics/restrictedAccess; https://doi.org/10.17026/fp39-0x58
OpenAccess false
Contact R.C.B. Steenbak (Provincie Noord-Brabant)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf; text/xml; application/zip; application/gml+xml; application/octet-stream
Size 62918; 70010; 9320; 6057; 3315; 2407; 18687; 92263; 5661; 3273497; 204971; 25060; 10121; 4409; 6013; 3882; 5630; 5375; 24975; 174522; 1542194; 2860; 3273
Version 1.0
Discipline Humanities