In november 2012 heeft MUG Ingenieursbureau een bureau- en booronderzoek uitgevoerd ten behoeve van het plangebied Nieuw-Toutenburg te Noardburgum, gemeente Tytsjerksteradiel (Fryslân). De aanleiding tot het onderzoek is de toekomstige herinrichting van de locatie.Uit het bureauonderzoek is gebleken dat de onderzoekslocatie in het dekzand-op-keileem landschap, in een zone met grondmorene- en dekzandwelvingen in de nabijheid van een rivierdal (Zwemmer). Op de onderzoekslocatie kunnen vindplaatsen worden aangetroffen uit de periode laat-paleolithicum tot en met de nieuwe tijd. De nadruk ligt hierbij op vindplaatsen uit de periode laat-paleolithicum tot en met het mesolithicum en vindplaatsen uit de periode late middeleeuwen – nieuwe tijd. Vindplaatsen uit de periode laat-neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen zijn tot op heden niet aangetroffen in dit gebied, maar omdat er uit deze perioden wel losse vondsten bekend zijn kan de aanwezigheid van deze vindplaatsen niet op voorhand worden uitgesloten.Het verwachtingsmodel is getoetst door middel van een karterend onderzoek 3 volgens de richtlijnen van de provinsje Fryslân zoals gevisualiseerd op de FAMKE, advieskaart steentijd bronstijd. In totaal zijn er 25 boringen gezet. De bodem bestaat binnen het overgrote gedeelte van de onderzoekslocatie uit verstoorde dekzand-op-keileem bodems. In de meeste boringen ligt de verstoorde humeuze bovengrond direct op het keileem. In enkele boringen is nog een (gedeeltelijk) intacte dekzandlaag aanwezig, in de vorm van een AC-horizont of een roestige C-horizont. De verstoring is dusdanig grootschalig dat de trefkans op intacte vindplaatsen laag is. De gehele onderzoekslocatie kan daarom worden aangeduid als kansarm.