In samenwerking met ArcheoWest BV heeft ADC ArcheoProjecten in december 2012 ten behoeve van de bouw van een kassencomplex een bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek uitgevoerd op de locatie Laan van Zeestraten te De Lier (gemeente Westland).Volgens de gespecificeerde verwachting uit het bureauonderderzoek werden in het hele plangebied archeologische resten verwacht uit perioden vanaf de Bronstijd tot en met de Middeleeuwen op of in de top van het aanwezige veen. In de hierop liggende dekafzettingen kunnen archeologische resten aanwezig zijn vanaf de Romeinse tijd tot de Nieuwe tijd. Op grond van de archeologische beleidsadvieskaart van de gemeente Westland bestaat hoge kans op het aantreffen van archeologische vindplaatsen uit de IJzertijd, Romeinse tijd, Late Middeleeuwen en Nieuwe tijd.De vondstenlaag zal zich naar verwachting manifesteren als een archeologische laag. Deze zal bestaan uit een vermenging van ondermeer kleine fragmenten aardewerk, houtskool en bot met het oorspronkelijke substraat. De meeste typen archeologische resten (bot, houtskool, aardwerk, metaal) zullen door de natte en zuurstofloze condities goed zijn geconserveerd. Ze kunnen bovendien afgedekt zijn door recentere kleiafzettingen en daarmee buiten het bereik van (sub)recente bodemverstorende activiteiten gebleven. Toch moet op grond van de verschillende functies die het plangebied in het verleden heeft gekend en de daarmee samenhangende bodemingrepen rekening worden gehouden met de aanwezigheid van een plaatselijk sterk verstoorde bodemgrond.Aan en direct onder het maaiveld worden archeologische resten verwacht vanaf de Late Middeleeuwen. Dit hangt met name samen met de vondsten die zijn gedaan tijdens archeologische onderzoeken in de directe omgeving zoals de resten van de hofstede Diepenburg. De kans op het voorkomen van waardevolle resten lijkt echter, gezien de ligging van het plangebied op een perceel dat vanaf 1712 (Kruikius) als bouwland gebruikt is, klein. De vondstenlaag van deze resten zal zich niet dieper bevinden dan ca. 30 cm beneden het maaiveld.Op basis van het uitgevoerde veldonderzoek bestaat de ondiepe ondergrond hoofdzakelijk uit zandige en kleiige mariene dekafzettingen (Laagpakket van Walcheren binnen het Naaldwijk Formatie). In de regio dateren deze afzettingen uit de periode Romeinse tijd tot en met Middeleeuwen. De consistentie van de klei is echter slap en er zijn geen humeuze lagen aanwezig die geïnterpreteerd kunnen worden als een archeologische laag. Onder de mariene afzettingen is veen afgewisseld met matig tot sterk siltige klei aangetroffen. Dit betreft de Formatie van Nieuwkoop, Hollandveen Laagpakket met een afwisseling van de Formatie van Naaldwijk, Laagpakket van Wormer of Walcheren. De mogelijke ouderdom van dit pakket is echter niet bekend. De top van de aangetroffen veenlagen zijn niet veraard aangetroffen, hetgeen aangeeft dat de top van het veen nat en archeologisch ongunstig voor eventuele bewoning is. Ook geeft de afwisseling met kleilagen aan dat in het plangebied regelmatig marien invloed was, waardoor verdinking van het veenoppervlakte optreedt. De bovenliggende zandlaag vormt de oorspronkelijke bodem. Door bodembewerking in het kader van de (glas) tuinbouw is deze humeus ontwikkeld. Het aangetroffen materiaal is recent en heeft geen archeologische waarde. Tijdens de karterende fase van het onderzoek zijn geen aanwijzingen aangetroffen die kunnen wijzen op een archeologische vindplaats in het plangebied.