In opdracht van Stam + Dekoning Vastgoed B.V. heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau tussen 12 en 16 maart 2007 een bureau- en inventariserend veld- onderzoek in de vorm van proefsleuven uitgevoerd in verband met de realisering van nieuwbouw in de gemeente Gemert-Bakel. Het primaire doel van dit onderzoek was het toetsen en aanvullen van de gespecificeerde archeologische verwachting voor het onderzochte gebied, waarbij het in eerste instantie ging om het (al dan niet) vaststellen van de aanwezigheid van archeologische grondsporen. Voorts diende het onderzoek zich te richten op de kwaliteit (gaafheid en conservering), aard, datering, omvang en diepteligging van eventueel aanwezige archeologische grondsporen en resten. Tijdens het proefsleuvenonderzoek zijn 24 proefsleuven (2300 m2) aangelegd. Zoals vooraf werd verwacht, betreft de bodem in het plangebied een zwarte enk- eerdgrond en blijkt uit de aanwezigheid van grote hoeveelheden ijzerconcreties in de C-horizont dat het een laaggelegen en nat gebied betreft. Waarschijnlijk heeft zich in het gebied oorspronkelijk, voordat het esdek was ontstaan, een eerdlaag op een C-horizont met roest ontwikkeld: een beekeerdgrond. Het proefsleuven heeft 49 grondsporen opgeleverd: vooral greppels, maar daar- naast ook enkele kuilen en paalsporen. Vondstmateriaal is niet of nauwelijks aangetroffen; in totaal zijn 7 scherven en 1 koperen munt (duit) uit de Nieuwe tijd gevonden. De aangetroffen resten worden niet als vindplaats geïnterpreteerd, maar als zogenaamde off-site verschijnselen die te maken hebben met het in ontwikkeling brengen van het natte gebied in de 17e of 18e eeuw. Aangezien geen behoudenswaardige archeologische vindplaats is aangetroffen, luidt het advies dat geen archeologisch vervolgonderzoek nodig is.