Eindrapportage archeologisch vooronderzoek (12169.001) Koningsweg 28 te Garderen

DOI

Gespecificeerde archeologische verwachtingOp basis van het archeologisch bureauonderzoek heeft het plangebied een hoge verwachting op hetvoorkomen van archeologische resten uit alle archeologische perioden vanaf het (Laat-) Paleolithicumt/m de Middeleeuwen. Alleen voor de periode Nieuwe tijd wordt de kans op het voorkomen van archeologischeresten laag geacht. Het plangebied ligt namelijk op de noordflank (stuwwalglooiing) vanhet stuwwalplateau van Garderen. Niet ver ten noorden ligt een droogdal. In principe waren dergelijkehooggelegen locaties geschikt als (tijdelijke) verblijfslocaties en/of specialistische activiteiten voor Jagers-Verzamelaars (Laat-Paleolithicum en Mesolithicum). De voorkeur ging uit naar de zogenaamdegradiëntsituaties van nat naar droog (basiskampen), waar men toch droog zat, terwijl in de lageregebieden natuurlijke waterbronnen (beken, vennen) en eetbare planten aanwezig waren en er gejaagdkon worden. Ook voor Landbouwers zal het plangebied een gunstige bewoningslocatie zijn geweest.Er was voldoende areaal aan goed ontwaterde gronden aanwezig voor landbouw en de op destuwwal verwachte moderpodzolgrond (holtpodzolgrond, wordt ook wel aangeduid als een bruinebosgrond) heeft een grote natuurlijke bodemvruchtbaarheid. Dit wordt bevestigd door de reeds bekendearcheologische vindplaatsen in en rondom Garderen die vooral gelegen zijn binnen de landschappelijkeeenheid van stuwwalglooiingen. Ook gravend onderzoek uitgevoerd op terreindelen dievrijwel grenzen aan het plangebied hebben geresulteerd in het aantreffen van nederzettingsrestanten(één of meerdere huisplaatsen of wellicht een deel van een nederzettingsstructuur-/complex metbijbehorend vondstmateriaal) die vermoedelijk dateren uit de perioden Late-Bronstijd/Vroege-IJzertijd.Geraadpleegd historisch kaartmateriaal laat zien dat waarschijnlijk het gehele plangebied aan hetbegin van de 2e helft van de 18e eeuw in gebruik was als akkerland. Rond begin jaren ’50 van de 20eeeuw raakt het noordelijke deel van het plangebied bebouwd en is het zuidelijke deel in gebruik geweestals boomkwekerij.Resultaten inventariserend veldonderzoekUit de resultaten van het inventariserend veldonderzoek (IVO, verkennende fase) blijkt dat binnen hetmerendeel van het plangebied sprake is van een (dik) plaggendek van circa 70 cm dik met hierondereen restant van het van nature gevormde holtpodzolprofiel, vanaf de inspoelings-Bws-horizont methieronder de overgangs-BC-horizont. Vanaf gemiddeld 120/150 cm -mv bevindt zich de C-horizont enbetreft gestuwde afzettingen. Archeologische sporen, indien aanwezig, zullen meest zichtbaar zijn opde overgang van de BC- naar C-horizont, op een diepte van circa 120/150 cm -mv. Alleen bij eenboring in het zuidwestelijke deel van het plangebied hebben diepere verstoringen plaatsgevonden (totcirca 310 cm-mv). Dit lijkt om een recente verstoring/diepgaande lokale vergraving te gaan.Antropogeen materiaal is aangetroffen in wat vermoedelijk een oude cultuurlaag/akkerlaag is en bestaatuit een fragment van handgevormd aardewerk uit de Late-Bronstijd/IJzertijd en een scherfPingsdorf aardewerk uit de 9e – 12e eeuw na Chr. De resten worden als archeologisch relevant beschouwden kunnen duiden op de aanwezigheid van één of meerdere archeologische vindplaatsen uitverschillende archeologische perioden binnen dan wel in de direct nabijheid van het plangebied.ConclusieGeconcludeerd wordt dat het plangebied, vanwege de merendeels intacte oorspronkelijke bodemopbouw(geen diepgaande recente bodemverstorende ingrepen waargenomen, met uitzondering vanboring 6), zijn hoge verwachting op het voorkomen van archeologische resten vanaf het begin van hetLaat-Paleolithicum t/m de Middeleeuwen behoudt. Voor de periode Nieuwe tijd blijft de verwachtingop het voorkomen van archeologische resten laag.AdviesOp grond van de resultaten van het inventariserend veldonderzoek wordt door Econsultancy de aanbevelinggedaan om binnen het plangebied een vervolgonderzoek te laten uitvoeren. Er is namelijkover het algemeen sprake van een deels, zo niet geheel, intacte bodemopbouw binnen het plangebied,waardoor het zijn hoge verwachting behoudt op de aanwezigheid van archeologische restenen/of sporen. Geadviseerd wordt het vervolgonderzoek te laten uitvoeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoeken nadat het plangebied vrij is gemaakt van de bestaande begroeiing (bomen enstruiken van de kwekerij) en bebouwing in de vorm van de winkel/bedrijfsruimte en de broeikas/plantenkas.Voor dit/het proefsleuvenonderzoek dient een door de bevoegde overheid goedgekeurd Programmavan Eisen te zijn opgesteld, waarin is vastgelegd waaraan het onderzoek moet voldoen.Behoud van eventueel aanwezige archeologische waarden is alleen mogelijk als er archeologievriendelijkgebouwd wordt door niet dieper te ontgraven dan 30 cm onder het huidige maaiveld, waardooreen bufferzone van circa 30 cm van het plaggendek overblijft (bijvoorbeeld door het plangebied/terreindeelop te hogen waar de nieuwbouw zal worden gerealiseerd). In de praktijk zal dit lastig uitvoerbaarzijn, gezien de wens te gaan bouwen op de vaste ondergrond (‘bouwen op geel zand’).Dit advies is voorgelegd aan het bevoegd gezag in kwestie, Burgemeester en Wethouders van de gemeenteBarneveld en door middel van een selectiebesluit als zodanig bekrachtigd (beoordeling archeologischrapport door mevrouw P. Kloosterman, d.d. 8 april 2020). Met bovenstaand advies wordtingestemd.

Date Accepted: 10-04-2020

Date Accepted: 2020-04-10

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/dans-24n-fc8y
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/dans-24n-fc8y
Provenance
Creator J.M.A. Röring
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor J.M.A. Roering; J.M.A. Röring (Econsultancy)
Publication Year 2020
Rights DANS Licence; info:eu-repo/semantics/restrictedAccess; https://doi.org/10.17026/fp39-0x58
OpenAccess false
Contact J.M.A. Roering
Representation
Resource Type Dataset
Format text/xml; application/pdf
Size 10837; 26176445; 10377; 1058; 6280
Version 1.0
Discipline Humanities