De onderzoekslocatie ligt op een dekzandrug op de overgang naar het beekdal van de Bornerbroekse Waterleiding. De onderzoekslocatie heeft op de gemeentelijke beleidsadvieskaart een hoge trefkans op archeologica uit alle perioden. Op de onderzoekslocatie worden hoge zwarte enkeergronden verwacht. Deze bodems zijn in het verkennend inventariserend veldonderzoek niet aangetroffen. De natuurlijke bodemopbouw op de onderzoekslocatie is sterk verstoord. De bodem is op het grootste deel van de onderzoekslocatie vergraven tot een diepte van circa 1 m –mv.Alleen in op het zuidelijke deel is een restant van een podzol B-horizont aangetroffen.Op het centraal deel van de toekomstige bouwlocatie kon niet worden geboord door de aanwezigheid van een betonnen voerkuil. Door de aanwezigheid van de voerkuil is het aannemelijk dat onder de voerkuil de bodem eveneens is vergraven.Hiernaast heeft de huidige eigenaar aangegeven dat op deze locatie zand is verwijderd ten tijde van de bouw van de stal ten westen van de onderzoekslocatie. Er is niet zuidelijker geboord dan boring 2, omdat hier volgens de huidige eigenaar geen bouwwerkzaamheden gaan plaatsvinden. Op basis van onderhavig onderzoek is het aannemelijk dat op de onderzoekslocatie het archeologisch niveau direct onder de bouwvoor reeds is verstoord door bouwwerkzaamheden.
Issued: 2009