Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende en karterende fase Vlasbergen 1 te Uffelte, gemeente Westerveld (DR) Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende en karterende fase Vlasbergen 1 te Uffelte, gemeente Westerveld (DR)

DOI

Laagland Archeologie heeft in januari 2024 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende en karterende fase uitgevoerd aan de Vlasbergen 1 te Uffelte. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de geplande bouw van nieuwe woningen.Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.Het plangebied ligt op gordeldekzandwelvingen. Deze kenmerken zich door weinig reliëf. Het dekzandpakket is vermoedelijk dun: op basis van een geologische boring is een dekzanddikte van circa 30 cm te verwachten. Eronder ligt grondmorene. Ruwweg in de periode Midden-Neolithicum ? Vroege Bronstijd was het terrein bedekt met veen, maar vermoedelijk is het terrein aldoor drassig geweest. Dit wordt ondersteund door het aanwezige bodemtype en het historisch gebruik.Bodemkundig is een veldpodzolbodem te verwachten. Tussen 1832 en 1900 is het noordelijke deel in ontginning genomen en in de loop van de afgelopen eeuw volgt het resterende plangebied. In de loop van de afgelopen eeuw hebben er op twee verschillende locaties gebouwen (schuren) gestaan; een daarvan is nog aanwezig. Ongeveer 340 m ten oosten van het plangebied stroomt de nu gekanaliseerde Oude Vaart. In/nabij het beekdal zijn binnen het onderzoeksgebied resten uit het Mesolithicum en IJzertijd bekend. Oostelijk ligt de oude kern van Uffelte (tevens AMK-terrein). Hier kunnen resten uit de Vroege Middeleeuwen en later worden verwacht. Het plangebied maakt geen deel uit van de oude bewoningskern.Op basis de nabijheid van de Oude Vaart en een wat hogere ligging van het plangebied kunnen resten uit de periode Laat-Paleolithicum ? Vroeg-Neolithicum worden verwacht. Resten uit deze periode worden meestal op kleine dekzandopduikingen in een beekdal aangetroffen. Het plangebied ligt echter enkele honderden meters van het beekdal en dichter bij de waterstroom zijn op het AHN diverse opduikingen te zien die waarschijnlijk geschikter waren voor bewoning in die periode. Mogelijk echter vormde het plangebied een overgangsgebied tussen zand- en veengronden, wat het terrein wellicht interessant maakte voor bewoning. Voor wat betreft de periode Laat-Paleolithicum ? Vroeg-Neolithicum wordt daarom een middelhoge verwachting aangehouden.Bodemkundig was het terrein waarschijnlijk ongeschikt voor vroegere landbouwtechnieken. De geringe dikte van het aanwezige dekzandpakket met direct daaronder een slecht-waterdoorlatende grondmorene, de aanwezigheid van een veldpodzolbodem en een ontginning die pas rond 1900 lijkt te zijn gestart ondersteunen deze stelling. Voor het grootste deel van de periode Midden-Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd kan daarom een lage verwachting worden gehanteerd. Een uitzondering vormt wellicht de IJzertijd. Uit diverse archeologische bronnen is bekend dat men met name in deze periode vaak de wat vochtiger gronden opzocht. Dit had mogelijk te maken met een klimaatsoptimum, waardoor de hogere zandgronden vermoedelijk te droog waren. Gelet op de nabije ijzertijdvindplaats kunnen resten uit deze periode ook in het plangebied worden verwacht (middelhoge verwachting) .Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zo nodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat de bodem overwegend tot in de C-horizont is verstoord. De kans dat het gebied nog archeologische resten met een intacte archeologische context bevat wordt daarom laag geacht. De C-horizont bestaat hoofdzakelijk uit lemige, grindhoudende zanden of zandig leem die zijn geïnterpreteerd als de C-horizont van een beekeerdgrond.In één boring is een intacte podzolbodem aangetroffen. Hier is sprake van een veldpodzolbodem. Deze locatie was waarschijnlijk voldoende ontwaterd om geschikt te zijn voor bewoning in de periode Laat-Paleolithicum ? Vroeg-Neolithicum. De kans op resten uit de IJzertijd is, gezien de geringe omvang en de nabije zeer drassige gronden, te verwaarlozen. Rondom deze boring zijn vier karterende boringen gezet. In deze boringen zijn geen archeologische indicatoren waargenomen. De aanwezigheid van een mogelijke steentijdvindplaats kan daarom naar laag worden bijgesteld.Op basis van de resultaten van de veldonderzoeken wordt geadviseerd om geen vervolgonderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor het aspect archeologie.Dit advies is in handen van de bevoegde overheid, de gemeente Westerveld. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, mevr. drs. M. Montforts (Libau).Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).?

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/AR/VTXFFL
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/AR/VTXFFL
Provenance
Creator Laagland Archeologie VOF
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor Functioneel Applicatiebeheer GBO; Laagland Archeologie BV
Publication Year 2026
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact Functioneel Applicatiebeheer GBO (BIJ12)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf; text/xml; application/gml+xml; application/octet-stream; application/zip
Size 4655874; 23541; 15269; 10125; 198207; 3708258; 375920; 62081; 10034; 12441; 10815; 3882; 1921; 3883; 306619; 310129; 9048; 4543; 33119; 382753; 402327; 309700; 306232; 2910
Version 1.0
Discipline Humanities