Om de kloof te dichten tussen enerzijds de landschapsarcheologie en anderzijds de archeologische praktijk van versplinterd onderzoek, is de Graetheide als provinciaal aandachtsgebied aangewezen. De aandachtsgebieden zijn representatieve en relatief gave delen van de verschillende Limburgse cultuurlandschappen met een groot potentieel aan archeologische waarden. De archeologische potentie van het Graetheidegebied is zeer groot. Het aandachtsgebied Graetheide herbergt een groot aantal vindplaatsen uit voornamelijk het neolithicum, de ijzertijd en de Romeinse tijd.Archeologisch Onderzoek Leiden BV (Archol) en de Faculteit der Archeologie van de Universiteit Leiden (FdA) hebben gezamenlijk in opdracht van de provincie een bureauonderzoek met oppervlaktekartering en enkele verkennende landschappelijk gerichte boringen uitgevoerd aan de westkant van de Graetheide in de plangebieden Urmond –Louisegroeveweg en met name in het gebied Berg-aan-de-Maas - Hoogenberg. Ter toetsing van de resultaten heeft een proefsleuvenonderzoek plaatsgevonden bij de Hoogenberg. De percelen in beide gebieden zijn momenteel hoofdzakelijk in gebruik als landbouwgrond.Het bureauonderzoek en oppervlaktekartering vinden plaats in het kader van een meerjarig onderzoeksprogramma in het Provinciaal Archeologisch Aandachtsgebied Graetheide met een praktijkgerichte pilot voor de duur van twee jaar binnen het onderwijsprogramma van de Universiteit Leiden:het seminar Prospective Field Archaeology.De onderzoekstudie in de twee onderzoeksgebieden aan de westkant van het Graetheidegebied laat zien dat al sinds de vroege prehistorie mensen deze gebieden hebben bewoond en bewandeld. De resten daarvan zijn wat het gebied Hoogenberg betreft echter grotendeels in het colluvium en bouwvoor opgenomen. Het proefsleuvenonderzoek heeft daarvoor voldoende indicaties opgeleverd. In hoeverre nog prehistorische grondsporen resteren blijft echter onduidelijk. Daartoe zou uitgebreid gravend onderzoek dienen plaats te vinden.Het onderzoek heeft laten inzien dat door middel van oppervlaktekarteringen vindplaatsen kunnen worden opgespoord maar dat deze methode ook een aantal beperkingen heeft. Het dient dan ook altijd als onderdeel van meerdere onderzoeksmethoden zoals een bureauonderzoek en booronderzoek of gravend onderzoek toegepast te worden. Op deze wijze kunnen de opgeraapte vondsten in de juiste context geplaatst worden en van een waarde worden voorzien. In het rapport worden de verschillende onderzoeksmethoden besproken en geëvalueerd.
Date: 2012
Date Submitted: 2015-12-02