Abdissenbosch, Europaweg-Noord

DOI

In opdracht van Geonius Milieu B.V heeft ADC ArcheoProjecten een bureauonderzoek en een inventariserend (verkennend) veldonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Europaweg-Noord in Abdissenbosch (gemeente Landgraaf). In het plangebied zal een loods aangelegd worden. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van een aanvraag van een bouwvergunning en was noodzakelijk om te bepalen of bij de voorgenomen activiteiten de kans bestaat dat archeologische resten in de ondergrond worden aangetast.Het bureauonderzoek bestond uit zes onderdelen (KNA-specificaties LS01 t/m LS06). In de eerste vier onderdelen zijn de volgende werkzaamheden verricht: - afbakening plangebied en vaststellen van de consequenties van het mogelijk toekomstige gebruik - beschrijving van de huidige situatie - beschrijving van de historische situatie en mogelijke verstoringen - beschrijving van bekende archeologische waarden en aardwetenschappelijke gegevens Op grond van deze onderdelen werd een gespecificeerde verwachting van het gebied opgesteld (specificatie LS05). Hierin werd verwoord of, en zo ja, welke archeologische waarden worden verwacht.In het hele plangebied worden direct aan of onder het maaiveld archeologische resten verwacht uit alle archeologische perioden, met name in de vorm van aardewerk- of vuursteenstrooiingen. Organische 1 resten en bot zullen door de relatief droge en zure bodemomstandigheden slecht zijn geconserveerd.De beperkte beschikbare gegevens laten niet toe, het complextype en de omvang van de verwachte resten nader te specificeren. Er kan sprake zijn geweest van erosie, aangezien het plangebied op een flauwe helling ligt (< 2 %).Op basis van deze gespecificeerde verwachting en het Plan van Aanpak werd in het plangebied een verkennend booronderzoek (specificatie VS03) uitgevoerd.Op grond van het booronderzoek bleek de bodemopbouw niet die te zijn van de radebrikgrond die verwacht werd. Gezien de aanwezige E- en B-horizont in een hoofdzakelijk uit Laat Mioceen rivierzand bestaand profiel, lijkt er eerder sprake van een podzolbodem. De bovenste leemlaag kan worden opgevat als löss (Formatie van Boxtel, Laagpakket van Schimmert).Geadviseerd wordt om voor de bouw van de loods allereerst de mogelijkheid te onderzoeken om archeologisch “sparend” te bouwen met een zo klein mogelijke bodemingreep door bijvoorbeeld te funderen op poeren. Mogelijk voorziet het bouwplan hier al in. Als blijkt dat funderen op poeren of ophoging van het plangebied niet tot de mogelijkheden behoort, is een proefsleuvenonderzoek noodzakelijk om inzicht te verschaffen in de aard en behoudenswaardigheid van eventuele vuursteenvindplaatsen en de (graf)heuvel die zich aan de noordwestelijke grens van het plangebied bevindt. Bij een bodemverstoring kleiner dan 5% van het te bebouwen oppervlak is een nader onderzoek in dit geval (vanuit de provinciale richtlijn) niet noodzakelijk. De exacte invulling van de werkzaamheden dient te worden vastgelegd in een Programma van Eisen (PvE).

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/DANS-XTW-PXGQ
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/DANS-XTW-PXGQ
Provenance
Creator W. van Breda; J. Huizer
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor J.W. Beestman; ADC ArcheoProjecten
Publication Year 2020
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact J.W. Beestman (ADC)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf; text/xml
Size 1781189; 7075; 6647; 798; 3631
Version 1.0
Discipline Humanities