Terneuzen Nieuwe Sluis Nieuwe Sluis Terneuzen. Gemeente Terneuzen. Aanvullend Archeologisch Bureauonderzoek

DOI

Artefact! Advies en Onderzoek in Erfgoed heeft in augustus 2014 een aanvullend archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd naar het plangebied Nieuwe Sluis te Terneuzen (gemeente Terneuzen). De aanleiding tot dit onderzoek vormt het plan om binnen het bestaande sluizencomplex een nieuwe sluis te realiseren. Het betreft hier dus grootschalige infrastructurele werkzaamheden. De geplande werkzaamheden voor de nieuwe sluis omvatten onder andere de realisatie van een buiten- en binnenhoofd met sluis(rol)deur, de kolk en de voorzieningen ten behoeve van een reservedeur aan de zeezijde. De werkzaamheden omvatten ook de herinrichting van het volledige sluizencomplex, waaronder de aanpassing van de vaargeulen, dijken, bruggen en weginfrastructuur.In kader van het op te stellen milieueffectrapportage (m.e.r.), waarin ook archeologie een thema vormt dat onderzocht dient te worden, is in 2013 een Archeologisch Bureauonderzoek opgesteld. Eveneens in 2013 werd een milieutoets uitgevoerd. Omdat de gegevens van deze toets ook van belang zijn voor de archeologische besluitvoering, heeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) verzocht om de boringen ten behoeve van de milieutoets archeologisch te laten begeleiden. De resultaten van dit onderzoek zijn verschenen in 2014. Omdat het archeologisch Bureauonderzoek een aantal onvolledigheden vertoonde, werd tijdens een kennissessie archeologie besloten een aanvullend archeologisch bureauonderzoek te laten uitvoeren. Hierin dienen, met het oog op eventueel vervolgonderzoek, duidelijke verwachtingskaarten te worden opgenomen waarbij zowel de beschikbare als nieuwe informatie wordt gebundeld tot een handelbaar werkinstrument.Binnen het plangebied bestaat een hoge verwachting op het aantreffen van resten uit het Midden-Paleolithicum. Deze verwachting bevindt zich op het niveau van de afzettingen van de Formatie van Koewacht. Deze fluviatiele afzettingen worden gerelateerd aan de loop van de Schelde in het Midden en Laat Pleistoceen (vanaf het Saalien). Het stroomgebied van deze rivier is moeilijk te bepalen, omdat het op dat ogenblik een verwilderde rivier betreft, bestaande uit een vlechtwerk van smalle en bredere geulen. Bij de aanleg van de huidige Westsluis in 1962 zijn verschillende resten van zoogdieren gevonden zoals mammoet, wolharige neushoorn, reuzenhert en steppenwisent, soorten die voorkwamen in dit toenmalige koude toendralandschap. Gedurende deze werkzaamheden werden geen resten van menselijke aanwezigheid aangetroffen, hoewel dit gebied op dat moment vanwege het aanwezige voedsel aantrekkelijk zal zijn geweest. Omdat de beschikbare gegevens over deze ontsluiting en deze periode uitermate schaars zijn, is een gedetailleerde studie van dit complexe landschap en het leefmilieu uitermate nuttig en wenselijk. Op de verwachtingskaart wordt het volledige plangebied met een hoge verwachtingswaarde weergegeven, behoudens de noordwestelijke hoek van het plangebied. Hier zijn deze afzettingen (deels) geërodeerd door een holocene geul.Voor het plangebied geldt tevens een hoge verwachting op het aantreffen van resten uit het Laat Paleolithicum tot en met Mesolithicum. Vindplaatsen uit deze periode kunnen worden verwacht in de Laag van Usselo en de top van de Formatie van Boxtel (Finaal Paleolithicum tot en met Mesolithicum). De hoge verwachtingswaarde wordt benadrukt door de vondst van een tranchetbijl uit het Paleolithicum en een pijlpunt uit het Mesolithicum in of in de directe omgeving van het plangebied.Ook voor de periode vanaf het Neolithicum tot de Romeinse Tijd is de archeologische verwachting hoog. Deze verwachting bevindt zich op het niveau van de Formatie van Nieuwkoop (Basisveen/Hollandveen). Dit veen heeft zich in een natte fase van het Subboreaal gevormd op het dekzand (Formatie van Boxtel). Dit betekende echter niet dat het veengebied niet werd bezocht door mensen. De vondst van een neolithische geslepen bijl, aangetroffen bij de bouw van de huidige Middensluis gaf al een indicatie voor menselijke activiteit in het gebied. Tevens werden fragmenten Romeins aardewerk direct ten westen van het sluizencomplex van Terneuzen aangetroffen. De fragmenten werden gevonden bij de bouw van de sluis in de jaren ’60 van de vorige eeuw. Bovendien werden door Munaut greppelstructuren in het veen opgemerkt, die wellicht wijzen in de richting van de ontginning van het veen. De Romeinse ontginning van dit gebied is ook vastgesteld tijdens de archeologische opgraving te Ellewoutsdijk. Hierbij kwamen een negental boerderijen uit de Romeinse tijd aan het licht waarvan de staanders (houten grote palen waarop de het dak van de woning rustte) afkomstig waren van voornamelijk bomen die dateerden rond 3500 v. Chr. Dit betekent dat in de periode dat de huizen gebouwd werden, het hout waarmee ze bouwden reeds meer dan 3500 jaar oud was. Onderzoek heeft uitgewezen dat deze bomen afkomstig zijn van het veenbos dat liep vanaf de zuidkant van Terneuzen tot in de huidige Westerschelde en dus ook in het plangebied.De verwachting op archeologische resten uit de Vroege en Late Middeleeuwen wordt als middelhoog gedefinieerd. Resten uit deze periode kunnen voorkomen in de Sluiskilafzettingen (Duinkerke 2/3a) van de Formatie van Naaldwijk. Dit gebied was in de Vroege Middeleeuwen onbedijkt kwelderlandschap, maar recent onderzoek in de Belgische kustvlakte heeft uitgewezen dat dit niet betekent dat deze gebieden daarom ook onbewoonbaar waren. De eerste grootschalige bedijkingen in de omgeving van het plangebied komen voor vanaf de 12de eeuw en kaderen in de ontginningspolitiek van de Graaf van Vlaanderen. Door de intensifiëring van deze ontginningen (vooral landbouw en veenontginning) zullen dorpen en gehuchten ontstaan. Het uitzicht van het middeleeuwse polderlandschap in het plangebied is echter moeilijk te reconstrueren doordat het gebied verschillende malen is overstroomd en opnieuw is ingepolderd. De middelhoge verwachting is ingegeven door het ontbreken van rechtstreekse waarnemingen of indicaties van middeleeuwse bewoning in het plangebied. Door de overstromingen uit de 15de en 16de eeuw zijn in de omgeving van het plangebied verschillende ontginningsdorpen verdronken. Deze zijn vaak nog wel ondergronds bewaard. Zo zijn in de directe omgeving van het plangebied Vremdijcke (Vroondijke), Stee(n)land, Willemskercke, Oud Axel en Pakinghe gesitueerd.Voor de Nieuwe Tijd geldt een lage verwachting op het vinden van archeologische vindplaatsen in alle Braakmanafzettingen (Duinkerke 3b) van de Formatie van Naaldwijk. Het plangebied is gedurende deze periode hoofdzakelijk in gebruik als landbouwgebied. Het gebied maakt deel uit van verschillende polders die vanaf de vroege 17de eeuw definitief worden bedijkt. In het plangebied worden in de 19de eeuw dan ook drie boerderijen gesitueerd. De aanleg van het kanaal in 1822 heeft een grote impact op het plangebied en zijn omgeving. Rondom de vestingstad Terneuzen worden twee kanaalarmen aangelegd. De westelijke kanaalarm loopt door het plangebied. In het noordoostelijk deel van het plangebied wordt een zeesluis, de Westkolk, aangelegd. Na de Belgische onafhankelijkheid in 1830 worden in dat deel van het plangebied ook vestingwerken opgetrokken in de vorm van twee bastions en een ravelijn. Door de uitbreiding van de haven, het sluizencomplex en het kanaal in het begin van de 20ste eeuw en opnieuw in de jaren ’60 van diezelfde eeuw, verdwijnen zowel de bewoning in de polder als de vestingwerken. Hoewel mogelijk restanten van deze vestingwerken nog aanwezig kunnen zijn in de bestaande havenwerken en -dijken.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/dans-xeh-xdwt
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/dans-xeh-xdwt
Provenance
Creator J.E.M. Wattenberghe
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor R.C.B. Steenbak; Artefact! Advies en Onderzoek in Erfgoed
Publication Year 2022
Rights DANS Licence; info:eu-repo/semantics/restrictedAccess; https://doi.org/10.17026/fp39-0x58
OpenAccess false
Contact R.C.B. Steenbak (Provincie Noord-Brabant)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf; application/zip; text/xml; application/octet-stream; application/dbf; application/prj; application/sbn; application/sbx; application/shp; application/shx
Size 84108572; 22841; 19104; 5; 73; 428; 132; 116; 1596; 108
Version 1.0
Discipline Humanities