Aanleiding tot het hier beschreven archeologisch bureauonderzoek zijn de plannen voor de aanleg van natuurvriendelijke oevers voor de onderzochte percelen langs de Kokkeltocht, Oosterwoldertocht (gemeente Dronten, Oostelijke Flevoland) en Gruttotocht (gemeenten Almere en Zeewolde, Zuidelijk Flevoland).Voor onderzoeksgebied Kokkeltocht zijn geen vondsten uit de directe omgeving bekend. Bij onderzoeksgebied Oosterwoldertocht zijn in de directe omgeving een fragment bot (zeer ruim gedateerd) en een scheepswrak uit de middeleeuwen aangetroffen. Uit de wijdere omgeving zijn vondsten bekend die dateren vanaf het middenpaleolithicum tot de nieuwe tijd. Het betreffen vooral vondsten uit de periodes mesolithicum en neolithicum. Vanaf het neolithicum is sprake van een grote mate van vernatting van het gebied en wordt het (grotendeels) onbewoonbaar. Vanaf de 6e eeuw breidt het openwatergebied van het Zuiderzeebekken zich sterk uit waardoor het pleistocene oppervlak is afgedekt met jongere kleiafzettingen. Het archeologisch bodemarchief kan daardoor nog nagenoeg intact zijn. Binnen onderzoeksgebied Gruttotocht en de directe omgeving zijn veel archeologische waarden bekend. Het betreffen vondsten uit met name het laatpaleolithicum tot vroegneolithicum op de rivierduinen in de pleistocene ondergrond. Het zijn vooral vondsten van houtskool en in sommige gevallen vuurstenen artefacten. Daarnaast is een scheepswrak in de omgeving aangetroffen (datering onbekend).Op basis van genoemde resultaten van het bureauonderzoek bevelen wij aan vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een inventariserend booronderzoek voor die delen van de onderzoeksgebieden waarvoor een onderzoeksplicht geldt op basis van de beleidskaarten van de desbetreffende gemeenten.