In opdracht van de gemeente Bronckhorst heeft RAAP in juni en juli 2021 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennend booronderzoek) uitgevoerd voor het plangebied Oltmansstraat te Steenderen in de gemeente Bronckhorst.Het doel van het bureauonderzoek was het verwerven van informatie over bekende en verwachte archeologische resten teneinde een gespecificeerde archeologische verwachting op te stellen. Het veldonderzoek (verkennende fase) had als doel de geo(morfo)logische en/of bodemkundige opbouw in kaart te brengen evenals eventuele bodemverstoringen.Uit het bureauonderzoek bleek dat op basis van de landschappelijke ligging (rivierduin), eerdere vondsten in de omgeving en de ligging van het plangebied kunnen resten worden verwacht van archeologische vindplaatsen van zowel jagers- verzamelaars als van landbouwers. Gezien de historische informatie en de ligging in een historische dorpskern werden met name resten uit de periode vroege middeleeuwen t/m de nieuwe tijd worden verwacht.Het verkennende booronderzoek bevestigde deze verwachting grotendeels. De verkennende boringen wijzen uit dat in twee van de elf boringen sprake is van een intact plaggendek, met daaronder rivierduinafzettingen. De bodem in de overige boringen zijn in meer of mindere mate verstoord. In zes van de elf boringen zijn archeologische indicatoren gevonden (aardewerk, houtskool, leisteen, onverbrand bot, verbrande leem en fosfaatvlekken). De indicatoren houden verband met de ligging in de (middeleeuwse) dorpskern. Aangezien de vondsten slecht dateerbaar zijn, is het tevens goed mogelijk dat er ook oudere archeologische resten in het plangebied aanwezig zijn.Op grond van de resultaten van dit vervolgonderzoek is aanbevolen om archeologisch onderzoek te laten uitvoeren om meer inzicht te krijgen in aard, omvang en diepteligging van archeologische resten.Gezien de aard van de toekomstige werkzaamheden is aanbevolen dit in de vorm van een opgravingvariant archeologische begeleiding. De onderzoeksresultaten en vondsten van dit onderzoek kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de geschiedenis van Steenderen. Een dergelijk onderzoek dient uitgevoerd conform een door de bevoegde overheid goedgekeurd Programma van Eisen (PvE).In het westelijke deel van het plangebied wordt in het kader van de voorgenomen bodemingrepen geen archeologisch vervolgonderzoek aanbevolen. Indien bij de uitvoering van de werkzaamheden onverwacht archeologische resten worden aangetroffen, dan is conform artikel 5.10 van de Erfgoedwet aanmelding van de desbetreffende vondsten bij de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap c.q.de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed verplicht (vondstmelding via ARCHIS).