Een archeologisch bureau-onderzoek aan de Broekermeerdijk 30 te Watergang, gemeente Waterland (NH)

DOI

Op basis van het bureau-onderzoek kunnen de volgende conclusies worden getrokken:? Het plangebied heeft een zeer lage trefkans voor archeologische resten tot aan de Late Middeleeuwen.? Het plangebied heeft, door haar ligging in een veenontginningsgebied met restveen, een lage trefkans voor archeologische resten uit de Late Middeleeuwen en de Nieuwe Tijd tot aan het droogmalen van het Broekermeer in 1624.? Binnen het plangebied kunnen wel archeologische resten worden verwacht die gerelateerd zijn aan het droogmalen van het Broekermeer. De in dit kader meest voor de hand liggende zaken, de poldermolens en molentochten, hebben echter buiten het plangebied gelegen.? Wel heeft rond 1832 binnen het plangebied een woning gestaan. Deze woning is in de loop van de 19e eeuw verdwenen en op de zelfde plek is in 1996 een nieuwe woning gerealiseerd. Hierdoor zijn resten van de eerste woning wellicht verdwenen.? Voor het overige deel van de locatie zijn geen aanwijzingen voor archeologische resten uit de Nieuwe Tijd. Ook hier geldt dat het archeologisch niveau mogelijk is verstoord bij het realiseren van de huidige bebouwing en aanwezige verhardingen.Al met al kan worden geconcludeerd dat de kans op relevante archeologisiche resten uit de Nieuwe Tijd binnen het plangebied klein is te noemen. De enige bebouwing die uit historische bronnen bekend is, is al in de 19e eeuw gesloopt; eventuele resten zijn waarschijnlijk door nieuwbouw verstoord. Op het overige deel van het plangebied zijn geen aanwijzingen gevonden voor bebouwing en is het archeologisch niveau waarschijnlijk ook verstoord door latere bouwwerkzaamheden.Gezien de geringe kans op het inwinnen van relevante archeologische informatie, wordt geadviseerd om geen vervolgonderzoek uit te voeren en de locatie vrij te geven.Mocht de bevoegde overheid hiermee niet akkoord gaan, dan is het raadzaam eerst een verkennend booronderzoek uit te voeren om de intactheid van het veenprofiel te bepalen. Hierbij moet rekening worden gehouden met de aanwezige bebouwing en verharding. Eventueel moet de sloop van de huidige woning worden begeleid om resten van de woning uit 1832 op te sporen.Wanneer de gemeente besluit om de locatie definitief vrij te geven, dan blijft de archeologische meldingsplicht conform art. 53 van de Wamz van kracht. Wanneer er bij graafwerkzaamheden archeologische resten worden aangetroffen, dan dient dit onverwijld bij de gemeente te worden gemeld.

Issued: 2012-02-13

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/DANS-22T-UZEV
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/DANS-22T-UZEV
Provenance
Creator M. Verboom-Jansen; A.J. Wullink
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor M.C. Blom; ARC bv
Publication Year 2013
Rights CC0-1.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/publicdomain/zero/1.0
OpenAccess true
Contact M.C. Blom (ARC bv)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf; text/xml
Size 3409713; 7743; 6562; 859; 7704
Version 1.0
Discipline Humanities