In plangebied NoordRand Midden is natuurontwikkeling gepland. In 2007 is hiervoor al eens een
archeologisch bureauonderzoek uitgevoerd (RAAP-rapport 1589). Nu de plannen gerealiseerd gaan
worden, heeft RAAP in opdracht van Arcadis B.V. het bestaande onderzoek geactualiseerd voor het
plangebied NoordRand Midden-west, deelgebied Strijpen de Berk in de gemeente Etten-Leur en Breda
(figuur 1).
Het eerder uitgevoerde KNA conform onderzoek is op vele vlakken nog steeds actueel. 1 Op verzoek
van de opdrachtgever is het eerder uitgevoerde onderzoek geactualiseerd, waarbij de eerder
onderzochte aspecten conform de nu geldende systematiek van de KNA kort zijn samengevat. Voor de
volledigheid is het oorspronkelijke onderzoek en kaartbijlage uit 2007 als appendix 1 en 2 bijgevoegd.
Naast de actualisatie is tevens een publiekssamenvatting opgesteld.
Sinds het uitgevoerde onderzoek in 2007 is er één archeologisch onderzoek uitgevoerd binnen en in de
omgeving van het deelgebied. Bij dit onderzoek werden twee vindplaatsen aangetroffen, beiden in de
nabijheid van een dekzandrug. In het noorden van dit deelgebied zijn ook dekzandruggen aanwezig,
die in de eerdere verwachting niet waren meegenomen. Op basis van de gegevens uit onderhavig
onderzoek zal de eerder opgestelde archeologische verwachting dan ook gedeeltelijk worden
bijgesteld. Er kan worden geconcludeerd dat voor de lager gelegen gebieden een lage verwachting
geldt. Hier worden geen archeologische resten bedreigd. In dit gebied wordt in het kader van de
voorgenomen bodemingrepen geen vervolgonderzoek geadviseerd. Wel is hier sprake van een
cultuurhistorisch en aardkundig waardevolle ontginningsstructuur. Geadviseerd wordt deze te
behouden en versterken. In het gedeelte van het plangebied waar een middelhoge verwachting geldt
(de kreekrug), worden mogelijk archeologische resten bedreigd. Daarom wordt hier geadviseerd om de
plannen zodanig aan te passen dat verstoring wordt voorkomen. Dat kan door de maximale diepte van
de graafwerkzaamheden te beperken tot de bouwvoor. Dit advies geldt ook voor de gebieden met een
hoge verwachting (dekzandruggen). Indien planaanpassing niet mogelijk is, wordt aanbevolen om een
verkennend booronderzoek uit te voeren in die zones die door de toekomstige ingrepen bedreigd
worden.