In juli 2020 heeft Antea Group in opdracht van N.V. Nederlandse Gasunie een archeologisch inventariserend veldonderzoek (karterende fase) uitgevoerd ten behoeve van het vervangen en verplaatsen van een afsluitschema (S-5114) langs de Zuid Schalkwijkerweg te Haarlem. Dit is onderdeel van een groter onderhoudsproject met de naam GNIPA (Gasunie Network Improvement Program) A-1904 Kennemerland – Zandvoort.
Het vooronderzoek bestond uit een bureauonderzoek en een verkennend booronderzoek. Tijdens het verkennende booronderzoek is er een hooggelegen deel, een ‘zandopduiking’, aangetroffen, die echter slechts circa 50 cm hoger ligt dan de rest van de strandvlakte. Hierbij zijn houtskool en (verbrande) vuursteen(afslagjes) gevonden. De exacte datering van deze vondsten is nog niet bekend. Vanwege de stratigrafische ligging en de aanwezigheid van verbrand vuursteen hebben de indicatoren een datering in de prehistorie, naar verwachting circa neolithicum-bronstijd. Op basis van deze resultaten is in samenspraak met de gemeente geadviseerd om op deze locatie vervolgonderzoek in de vorm van een karterend booronderzoek en eventuele archeologische begeleiding uit te voeren.
Naar aanleiding van het onderhavige karterende booronderzoek kan worden geconcludeerd dat er theoretisch archeologische waarden kunnen worden aangetroffen in de top van het onder het veen liggende zandpakket en in het hier boven gelegen gliedelaagje. Hierbij dient te worden opgemerkt dat we hier te maken hebben met afzettingen van een strandvlakte, en niet van een strandwal. Daarnaast is er geen sprake van een duidelijke bodemvorming in het gebied en ligt het veen over het algemeen scherp op het zand.
Het strandzand aan de basis van de boringen alsmede het venige zand (gliedelaagje) dat plaatselijk bovenop het zand is aangetroffen zijn gezeefd. Hierbij zijn geen archeologische indicatoren aangetroffen. Mogelijk betreft het eerder aangetroffen vuursteen verspoeld materiaal. Hierbij dient te worden opgemerkt dat het onderhavige onderzoek in eerste instantie een landschaps-karterend onderzoek betreft, waarbij niet alleen gelet wordt op de aanwezigheid van potentieel archeologische lagen c.q. indicatoren, maar waarbij met name de diepteligging van deze niveaus relevant is. Deze potentieel archeologische lagen/ niveaus zijn vanaf 2,6 m -mv (3,2 m –NAP) aangetroffen en liggen daarmee aanzienlijk dieper dan de maximale verstoringsdiepte van 1,2 m-mv (1,9 m -NAP).
Voorafgaand aan het onderzoek werd, mede in afstemming met de gemeente, de mogelijkheid tot een doorstart naar een archeologische begeleiding open gehouden conform het schema zoals in het PVE en PVA was geformuleerd. Naar aanleiding van het onderhavige karterende booronderzoek kan worden gesteld dat in alle gevallen het potentiële archeologische niveau aanzienlijk dieper ligt dan de maximale verstoringsdiepte. Een archeologische begeleiding of een andere vorm van vervolgonderzoek is derhalve niet noodzakelijk gebleken. De bevoegde overheid is daags na uitvoeren van het karterend booronderzoek op de hoogte gesteld van de eerste bevindingen.
Revisiebeheer
De vorige revisie van dit rapport (revisie 0A) is door de opdrachtgever voorgelegd aan de adviseur van bevoegde overheid, de gemeente Haarlem, en deze heeft ingestemd met de wijze waarop het onderzoek is uitgevoerd en met de conclusies van het onderzoek (d.d. 29-09-2020). Onderhavige revisie (revisie 00) betreft de eindversie (definitief), waarbij geen inhoudelijke wijzigingen zijn aangebracht ten opzichte van revisie 0A.