In opdracht van Velsen-Vastgoed heeft RAAP in maart 2019 een archeologisch vooronderzoek in de vorm van een bureauonderzoek uitgevoerd voor het plangebied Spaarnwouderstraat 39 te Haarlem in de gemeente Haarlem Op basis van het bureauonderzoek geldt een middelhoge verwachting voor de periode Neolithicum tot en met de vroege middeleeuwen en een zeer hoge verwachting voor de aanwezigheid van archeologische resten uit de periode late middeleeuwen t/m de nieuwe tijd. De verwachting is dat het plangebied in de opgevulde geul van het Spaarne ligt. Het plangebied ligt in een stadsuitbreiding uit de periode eind 14 e eeuw – begin 15e eeuw. Eerder onderzoek, diverse gedocumenteerde vondsten in deze buurt en historisch kaartmateriaal geven aan dat dit gebied sinds die periode intensief werd gebruikt om te wonen en te werken. Op grond hiervan kan worden geconcludeerd dat er binnen het plangebied een zeer hoge verwachting geldt voor archeologische resten uit de late middeleeuwen en de nieuwe tijd. Hierbij wordt met name gedacht aan funderingsresten van de pakhuizen die binnen het plangebied hebben gestaan en eventuele voorgangers. Deze resten kunnen aan of vlak onder het maaiveld worden verwacht. Op basis van de resultaten van het onderzoek blijkt dat in het plangebied (mogelijk) archeologische resten bedreigd worden door de voorgenomen bodemingrepen. Daarom wordt geadviseerd om, indien mogelijk de plannen zodanig aan te passen dat verstoring wordt voorkomen. Dat kan bijvoorbeeld door het plangebied op te hogen voorafgaande aan de nieuwbouw. Aangezien planaanpassing waarschijnlijk niet mogelijk is (omdat de nieuwbouw op hetzelfde niveau als de bestaande bouw wort gerealiseerd) wordt aanbevolen in het kader van de bestaande planvorming de onderstaande vervolgstap uit het proces van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ) te nemen. Op basis van de resultaten van het onderzoek blijkt dat in het plangebied (mogelijk) archeologische resten bedreigd worden door de voorgenomen bodemingrepen. Daarom wordt geadviseerd om , indien mogelijk de plannen zodanig aan te passen dat verstoring wordt voorkomen. Dat kan bijvoorbeeld door het plangebied op te hogen. Aangezien planaanpassing waarschijnlijk niet mogelijk is (omdat de nieuwbouw op hetzelfde niveau als de bestaande bouw wort gerealiseerd) wordt aanbevolen in het kader van de bestaande planvorming de onderstaande vervolgstap uit het proces van de Archeologische Monumentenzorg (AMZ) te nemen. Om de gespecificeerde verwachting te toetsen en de verwachte archeologische resten veilig te stellen wordt vervolgonderzoek geadviseerd in de vorm van een opgraving – variant archeologische begeleiding. Gezien de zeer hoge archeologische verwachting vanaf het maaiveld, de prospectiekenmerken en de beperkte oppervlakte van het plangebied is dit de meest geschikte methode. Voor een dergelijk onderzoek is een door de bevoegde overheid goedgekeurd Programma van Eisen (PvE) verplicht.