Op 12 december 2003 is aan de Uiterdijk 4 te Onderdendam, gemeente Bedum, een inventariserend archeologisch veldonderzoek uitgevoerd (RD-235,17/594,94; kadastraal Bedum B-983; voor de ligging zie Figuur 1). Het plangebied bevindt zich ten zuidoosten van de molenromp en is bedekt met een grindlaag. Het onderzochte terrein is ongeveer 7,5 x 5 meter groot. De bodem bestaat uit een knippoldervaaggrond met zavel en lichte klei (classificatie bodemkaart kMn63C met grondwatertrap V: gemiddelde hoogste grondwaterstand minder dan 40 cm en gemiddelde laagste grondwaterstand meer dan 120 cm beneden het maaiveld). Uit het plangebied zelf zijn geen vondstmeldingen aanwezig in het Centraal Archeologisch Archief (CAA) van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek (ROB). Het Centraal Monumenten Archief (CMA) noemt het dorp Onderdendam als archeologisch meldingsgebied met een dorpskern uit de late Middeleeuwen tot nieuwe tijd (ARCHIS-nummer 07B-236). In de 17e eeuw was het dorp een belangrijke haven- en overslagplaats. Rond Onderdendam ligt een aantal (huis-)wierden. Dit onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van de Molensüchting, vertegenwoordigd door de heer J. van Paassen. De aanleiding tot het onderzoek is de toekomstige bouw van een bijgebouw. De Indicatieve Kaart voor Archeologische Waarden (IKAW) geeft dit terrein een hoge trefkans op archeologische sporen. Het doel van het onderzoek is vast te stellen of op het terrein nog onverstoorde archeologische grondsporen verwacht kunnen worden. Hiertoe is de bodem onderzocht op een evenmeel aanwezige cultuurlaag en op archeologische voorwerpen.
Date: 12 december 2003 (uitvoering)