Vestigia Archeologie & Cultuurhistorie heeft in opdracht van Vidomes en WoonInvest een archeologisch Inventariserend VeldOnderzoek-Proefsleuven (IVO-P) uitgevoerd voor een plangebied aan de Nieuwstraat-Venestraat te Leidschendam.1 Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 0,4 hectare en zal worden herontwikkeld ten behoeve van de bouw van nieuwe woningen, verdeeld over drie appartementsgebouwen. Het veldonderzoek bestond uit drie proefsleuven over de lengte van het plangebied aan de zuidzijde en een kleine proefput ter plaatse van 19e-eeuwse bebouwing aan de noordzijde, langs de Venestraat. De verwachting voor deze omgeving betreft sporen en vondsten uit het Laat Neolithicum tot en met IJzertijd in het strandwallen en Oude Duinen-milieu. In de Romeinse Tijd en Vroege Middeleeuwen is dit landschap verdronken met als gevolg sedimentatie van veen (en klei). Vanaf de Late Middeleeuwen is het gebied ontgonnen, al dan niet in combinatie met vervening. De Venestraat ligt ter plaats van een oude veendijk of-kade die is te beschouwen als een ontginningsas. In de loop van de 19e eeuw wordt langs de hierop gelegen weg steenbouw opgericht. Drie van de vier proefsleuven zijn meer dan 3,o m diep uitgegraven en de profielen zijn nog eens 2 m verdiept door middel van een boring. In deze smalle strook van het plangebied zijn geen aanwijzingen voor het voorkomen van strandwallen met daarop duinvorming. De bodemopbouw is van onder naar boven een kleipakket zonder enige zichtbare vorm van gelaagdheid door afwisseling in textuur, daarboven een pakket bosveen dat in oostelijke richting in dikte toeneemt, daarboven een hoofdzakelijk venig toemaakdek met kleibrokken en daarboven een 20e-eeuwse bouwrijpmakend ophogingspakket. In het bosveen zijn geen veraarde niveaus waargenomen en evenmin zijn uit het veen vondsten verzameld. Ook zijn geen sporen vanuit een hoger niveau ingegraven tot in het veen. Het toemaakdek bevat vondstmateriaal dat dateert tussen ruwweg 1750 en 1900, en daarin is een sloot en een kuil uitgegraven. De kuil dateert omstreeks 1930, op basis van een glazen flesje met een firmanaam. Gezien de aanwezigheid van bouwpuin en asbest, is de sloot meer recent gedempt. Alhoewel het toemaakdek een archeologisch fenomeen is, omvat het plangebied zeer waarschijnlijk geen archeologische vindplaats. Het advies is derhalve om de nieuwbouw toe te staan zonder aanvullende maatregelen vanwege de gemeentelijke archeologische monumentenzorg, maar met de kanttekening dat het op basis van de artikelen 5.10 en 5.11 van de Erfgoedwet verplicht is om archeologische toevalsvondsten te melden bij het bevoegd gezag.