Binnen het plangebied komen een viertal stroomgordels voor: die van Ommeren, Zoelen, Ochten en Echteld. Op de eerste drie heeft bewoning plaats kunnen vinden sinds het Neolithicun. Op de stroomgordel van Echteld is bewoning mogelijk geweest vanaf de IJzertijd. Op basis van de aanwezige monumenten, oude woongronden en de enorme hoeveelheid vondstmateriaal kan gesteld worden dat er voor de genoemde stroomgordels sprake is van een hoge trefkans op nederzettingsterreinen uit de hier boven genoemde periodes. Alleen voor het komgebied rondom de Broekdijksestraat geldt een middelhoge trefkans.Sporen van nederzettingen vanaf de IJzertijd kunnen met name op de meandergordels van de vier genoemde stroomgordels worden verwacht en wel direct onder de huidige bouwvoor. Gezien de hoeveelheid aardewerk en metaal dat met name aan het maaiveld is aangetroffen, is de top van dit archeologische niveau, dat overeenkomt met huidige, waarschijnlijk verploegd. Diepere grondsporen zullen echter nog wel bewaard zijn. Vondstmateriaal dat geassocieerd kan worden met nederzettingen uit de IJzertijd, Romeinse Tijd en Middeleeuwen betreft voornamelijk aardewerk en metaal, maar ook dierlijk en menselijk bot, bouwmateriaal en glas.Nederzettingssporen uit het Neolithicum en de Bronstijd worden met name aan de top van de oeverafzettingen van de stroomgordels van Ommeren, Zoelen en Ochten verwacht, buiten de meandergordels van deze rivieren. In het centrale deel van het komgebied tussen de stroomgordels ligt dit vondstniveau op een diepte van circa 1,5 a 1,2 m -mv, maar aan de noordkant, tegen de stroomgordel van Zoelen, ligt dit niveau op circa 60 cm -mv. Vondstmateriaal dat verwacht kan worden bij deze nederzettingen betreft voornamelijk vuur- en natuurstenen voorwerpen, aardewerk, bot en en voor de Bronstijd ook bronzen voorwerpen.
Issued: 2010-08