In de Noteboomstraat is een riool gegraven met een breedte van circa 1 m en een diepte van 1,45 tot 1,6 m –mv. in deze sleuf zijn slootdempingen aangetroffen van een sloot die in historische bronnen wordt aangeduid als ‘de Poele’. Deze sloot is omstreeks 1890 gedempt. In de slootvullingen is aardewerk, glas, kleipijp, bouwmateriaal en dierlijk en menselijk bot gevonden. Het grootste deel van het vondstmateriaal dateert uit de periode 1750-1900, ook is een kleine hoeveelheid ouder vondstmateriaal uit de periode 1500-1600 geborgen. Ook zijn enkele stukken hout van een beschoeiing geborgen. Een botanisch monster uit de sloot is gewaardeerd op botanische resten. In het monster zijn botanische resten aangetroffen die uitsluitend toebehoren aan wilde planten. Verder is een tweede sloot gedocumenteerd, waaruit vondstmateriaal uit de periode 1600-1700 is verzameld. Nabij de Woldstraat bevonden zich twee putten met een gemetselde koepel. De putten bevatten geen vondstmateriaal. Waarschijnlijk behoorden beide putten bij een huis dat op de hoek van de Woldstaat heeft gestaan en in de jaren ’60 van de vorige eeuw is gesloopt.