Laagland Archeologie heeft in maart- april 2024 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd op een perceel ingeklemd tussen de Slagenweg – Nicolaas Maesstraat en de Haarsweg te Ommen. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom het project Kindplein Oost. Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003.Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd.Het plangebied ligt deels op een dekzandrug en deels in een zone met dekzandwelvingen. Op basis van bodemkundige en historische bronnen is hier een plaggendek te verwachten. Dit plaggendek is vermoedelijk relatief recent opgebracht (wellicht pas in de 19e eeuw). In de omgeving van het plangebied zijn mogelijk resten van een urnengrafveld (crematieresten) gevonden tijdens een veldkartering. Dit betekent dat in de omgeving van het plangebied bewoning gedurende de Bronstijd en wellicht ook Neolithicum en IJzertijd is te verwachten. Op basis van de geraadpleegde bronnen geldt voor het plangebied geldt een hoge/middelhoge verwachting op resten uit het Neolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen. Resten uit de Late Middeleeuwen worden niet verwacht. Voor wat betreft de Nieuwe Tijd kunnen sporen van ontginningen aanwezig zijn. Dergelijke resten zijn vanuit archeologisch perspectief weinig interessant.Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat de bodem tot in de C-horizont is verstoord. De kans dat het gebied nog archeologische resten met een intacte archeologische context bevat wordt daarom laag geacht.Op basis van de resultaten van het veldonderzoek wordt geadviseerd geen archeologisch vervolgonderzoek in het plangebied uit te voeren en het plangebied vrij te geven voor het aspect archeologie.Dit advies is overgenomen door de bevoegde overheid, de gemeente Ommen. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige, dr. O. Satijn.Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen, of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat, dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5.10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE, www.cultureelerfgoed).