Chemeloy RAAPrap_5822_GECH11_20220701_def

DOI

Uit het bureauonderzoek is gebleken dat het leidingtracé is gelegen op een relatief hoog gelegen zone op de rand van de Graetheide. Mede dankzij de vruchtbare löss en goede ontwatering, is dit gebied bij uitstek geschikt voor landbouw. Hierdoor worden archeologische resten vanaf de tijd van de eerste landbouwers (late prehistorie) verwacht. Op basis van de bekende vindplaatsen en eerdere onderzoeken rondom het plangebied en op het Chemelot-terrein in het algemeen, geldt de hoogste verwachting voor het vroeg neolithicum (Lineaire Bandkeramiek; ca. 5100-4900 v. Chr.) en de (vroegemidden) ijzertijd (ca. 800-250 v. Chr.). Voor de overige perioden (bronstijd, Romeinse tijd-volle middeleeuwen) geldt een middelhoge archeologische verwachting. De omvang van de vindplaatsen kan sterk variëren. Vroegneolithische nederzettingsterrein kennen over het algemeen een hoge sporendichtheid en relatief grote hoeveelheid vondstmateriaal (aardewerk, vuursteen, natuursteen, etc.), maar op het Chemelot-terrein worden ook regelmatig losse kuilen aangetroffen zonder vondstmateriaal die eerder als off-site fenomenen kunnen worden bestempeld. Een vergelijkbaar beeld geldt eveneens voor de ijzertijd. Vanuit cultuurhistorisch perspectief snijdt het nieuwe leidingtracé een aantal cultuurhistorisch waardevolle tracés/zones op de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Limburg. Zo ligt de Heidekampweg in een zone waarin het verkavelingspatroon sinds 1830 weinig of matig is veranderd.Het nieuwe tracé zelf ligt echter een bestaande leidingstraat. In deze zone zijn de oude verkavelingsgrenzen niet meer herkenbaar als zodanig. Op het Chemelot-terrein zelf (gemeente Sittard-Geleen) kruist het tracé een oude grens die nog tot na 1866 herkenbaar was in het landschap.Inmiddels is deze echter verdwenen. Over het algemeen kan gesteld worden dat het nieuwe tracé gezien het feit dat de leiding ondergronds komt te liggen geen noemenswaardige invloed op cultuurhistorische relicten heeft. Op basis van de boorresultaten kan gesteld worden dat de zones in de haven, langs de Heidekampweg en de Urmonderbaan (tot en met boring 65) sterk verstoord zijn. Slechts sporadisch is nog sprake van een intact bodemprofiel, maar dit is te beperkt om vervolgonderzoek te adviseren. Tussen boring 66 en 83 is op een enkele boring na echter sprake van een intact bodemprofiel. In combinatie met eerdere onderzoeken, bekende vindplaatsen en de vondst van een vuurstenen afslag in boring 67 kan gesteld worden de kans op het aantreffen van goed bewaarde en potentieel behoudenswaardige archeologische resten hier groot is.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/DANS-24B-RJKA
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/DANS-24B-RJKA
Provenance
Creator R.A. Vaessen
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor R.C.B. Steenbak; RAAP BV
Publication Year 2024
Rights CC-BY-4.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/licenses/by/4.0
OpenAccess true
Contact R.C.B. Steenbak (Provincie Noord-Brabant)
Representation
Resource Type Dataset
Format text/xml; application/zip; application/gml+xml; application/pdf; text/tab-separated-values; application/octet-stream
Size 271342; 47971; 2834; 8819; 3324; 2422; 22335; 22155; 750059; 93495; 943; 68497; 144770; 5902; 4375692; 569308; 64101; 10137; 14378; 29661; 3177; 8869; 7653; 51114; 554480; 8090643; 4599; 3440; 2940; 3287; 3286; 7017
Version 1.0
Discipline Humanities