In verband met de aanleg van visvijvers aan de Kooiweg te Buren, gemeente Ameland, zal 4000 m2 terrein ontgraven worden tot een diepte van maximaal 4 m. In verband met deze ontgravingen is, conform de Wet op de archeologische monumentenzorg, een archeologisch inventariserend veldonderzoek noodzakelijk. De opdrachtgever, Gebroeders Metz, heeft aan de afdeling Archeologie van MUG Ingenieursbureau opdracht verstrekt om dit archeologisch inventariserend veldonderzoek uit te voeren. Uit het bureauonderzoek blijkt dat het terrein uit zandgrond bestaat dat geomorfologisch als een vlakte, ten gevolge van egalisatie, staat aangegeven. De historische kaarten geven aan dat er perceelsvergroting heeft plaatsgevonden. Op de Friesche Archeologische MonumentenKaart Extra is het terrein hoog gewaardeerd voor de periode ijzertijd-middeleeuwen.Uit het booronderzoek blijkt dat de bodemopbouw uit marien zand bestaat tot 70 cm onder het maaiveld, dat via een venige band overgaat in uitlopers van de duinen. Er is een dunne verploegde bouwvoor aanwezig en het terrein vertoont geen reliëf. Gebleken is dat er tijdens de ruilverkaveling egalisatie heeft plaatsgevonden. De mate van egalisatie wisselt.Tijdens het veldwerk zijn er geen archeologische indicatoren aangetroffen en de top van de bodemopbouw is als gevolg van egalisatie en ploegen niet meer intact. De kans dat zich hier nog archeologische resten bevinden is nihil. Daarom wordt aanbevolen geen archeologisch vervolgonderzoek uit te voeren. Mochten er tijdens het grondwerk onverhoopt toevalsvondsten gedaan worden, dan dient de provinciaal archeoloog van Friesland hiervan direct op de hoogte gebracht te worden.