Archeologische opgraving Schapenmarkt 17-21, ’s-Hertogenbosch

DOI

Het plangebied bestaat uit vier percelen; Schapenmarkt 13-15 (’t Gulden Vlies), Schapenmarkt 17 (De Vergulde Sleutel), Schapenmarkt 19 (De Vergulde Emmer) en Schapenmarkt 23 (Het Bijlken). Van de percelen zijn sporen teruggevonden die teruggaan tot de Late-Middeleeuwen. Van de vier percelen zijn enkele funderingen teruggevonden die teruggaan tot de 15e en 16e eeuw. Het gaat om de fundering van de noordelijke perceelsmuur van Schapenmarkt 13 en 15, een grote kelder met muurfunderingen van Schapenmarkt 17, een kleine kelder en enkele muurfunderingen van Schapenmarkt 19 en een fundering van Schapenmarkt 23. Uit de latere eeuwen zien we vooral elementen die te maken hebben met de indeling en het gebruik van de bebouwing en de percelen. Er zijn muurfunderingen, waterputten, vloeren, vertrekindelingen, poeren en resten van een metaalgieterij teruggevonden. Uit de 19e en 20e eeuw waren op alle percelen nog resten aanwezig, te weten vloeren, een waterkelder, een poer, betonnen muren, een afvoerput, een betonnen put, afvoeren, enkele kleine muurtjes en verstoringen.De meest relevante sporen van Schapenmarkt 13-15 betreffen de metaalgieterij, zwaar gefundeerde vloeren, een waterput en een goot. Gezien de identieke baksteensoort behoorden de vloeren zeer waarschijnlijk bij de metaalgieterij. De waterput van dit perceel is vermoedelijk in gebruik geweest ten tijde dat de metaalgieterij in gebruik was. De waterput is later gebruikt om hemelwater af te voeren van de moderne naastgelegen bebouwing. Een bakstenen goot in dit perceel is subrecent. Uit historische bronnen blijkt dat de Schapenmarkt 17 en 19 één pand zijn geweest. Dit is archeologisch ook teruggevonden. Tijdens het onderzoek is een laatmiddeleeuwse of mogelijk vroeg 16e eeuwse kelder aangetroffen. Deze ligt in het verlengde van de kelder die zich nu nog bevindt onder de huidige bebouwing en doorgaat tot aan de straat. Vermoedelijk behoorde de aangetroffen kelder tot de hoofdbebouwing. Het enige andere spoor dat vermoedelijk nog uit deze periode dateert is de ronde waterput (F57) in het midden van het pand.In de vroege 16e eeuw, namelijk in 1520, is het pand gesplitst. Toen is er een grote muur in de kelder gebouwd (F69 en 35). Het noorddeel werd nu Schapenmarkt 17 en het zuiddeel Schapenmarkt 19. In beide kelders hebben in de eeuwen erna meerdere verbouwingen plaatsgehad waardoor de indeling van de beide kelders verschillend is. In de kelder van Schapenmarkt 17 zijn twee bakken gezet die waarschijnlijk voor opslag van goederen dienden. Deze kelder had verder een tongewelf waarvan de aanzet nog zichtbaar is. Ook is de keldervloer nog aanwezig. In de kelder bevond zich veel baksteenpuin, dat grotendeels afkomstig is van het gewelf van de kelder.In de kelder van Schapenmarkt 19 is een andere indeling aangetroffen. De vroege structuren betreffen een waterkelder en enkele muurfunderingen. De ronde waterput uit de vroegste fase van het pand aan de Schapenmarkt werd bij nummer 19 getrokken. Deze heeft men vervolgens omgebouwd tot vermoedelijk een beerput. In de 17e of 18e eeuw heeft men een waterput aangelegd op het achterterrein, welke een lange tijd in gebruik is gebleven gezien de herstellingen aan de put. Ook is er ergens in deze periode een bijgebouw op het achterterrein gebouwd. Aan het begin van de 19e eeuw was het perceel in ieder geval bijna helemaal dichtgebouwd, zoals is te zien op het minuutplan uit deze tijd. Alleen een klein binnenplaatsje was aanwezig op het perceel. Hier heeft men waarschijnlijk ergens in de 19e eeuw een rechthoekige waterkelder met pleisterlaag gebouwd. De sporen van Schapenmarkt 23, in de vorm van straatwerk, funderingen en een osendrop, hebben een datering vanaf de 16e eeuw. Mogelijk behoort het straatwerk tot de voormalige Snellestraat. De oudste resten kunnen de resten zijn van het pand van de gareelmaker die op dit perceel woonde. Het onderzoek heeft verschillende structuren opgeleverd uit verschillende periodes. Het laat evenwel zien dat met name achteraan de percelen, in het westen, de meest recente sporen aanwezig zijn. Dit heeft vermoedelijk te maken met de oude hoofdbebouwing in het oosten, waar weinig tot geen verbouwingen zijn geweest of mogelijk waren. De sporen en structuren uit de 17e , 18e en 19e eeuw lijken zich eveneens in het westen te concentreren. Dit geeft vermoedelijk aan dat vanaf deze periode ook de achtererven, de terreinen achter de hoofdbebouwing, bebouwd werden.

Date: 28/10/2013 (veldwerk)

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/DANS-XA3-UFCQ
Metadata Access https://archaeology.datastations.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=doi:10.17026/DANS-XA3-UFCQ
Provenance
Creator B.A. Corver; T. Kok
Publisher DANS Data Station Archaeology
Contributor R. Elsma; IDDS Archeologie B.V.
Publication Year 2017
Rights CC0-1.0; info:eu-repo/semantics/openAccess; http://creativecommons.org/publicdomain/zero/1.0
OpenAccess true
Contact R. Elsma (IDDS Archeologie)
Representation
Resource Type Dataset
Format application/pdf; text/xml
Size 20882816; 9259; 8387; 875; 5708
Version 1.0
Discipline Humanities