In opdracht van de gemeente Enschede heeft RAAP Archeologisch Adviesbureau tussen september 2010 en februari 2011 een bureau- en inventariserend veldonderzoek uitgevoerd in verband met de geplande aanleg van watergangen in twee deelgebieden (deelgebied Vanekerbeek en Elsbeek) ten noorden en noordoosten van de bebouwde kom van Enschede.Op basis van de resultaten van het bureauonderzoek gold bij de aanvang van het veldonderzoek voor beide deelgebieden een middelmatige tot hoge verwachting voor het aantreffen van archeologische overblijfselen vanaf de Steentijd tot heden. Op basis van de resultaten van het veldonderzoek (waarbij 130 boringen zijn verricht) kon de reeds opgestelde archeologische verwachting worden verfijnd. Hoewel er geen duidelijke vindplaatsen zijn aangetroffen, geven de onderzoeksresultaten aanleiding tot het aanduiden van een aantal zones waar sprake is van een redelijke tot grote kans op het aantreffen van archeologische resten. Voor de overige zones kan de verwachting, begeleid dienen te worden (onder KNA-protocol proefsleuven). Bodemingrepen in de zones op basis van vastgestelde bodemverstoringen dan wel een ongunstige landschappelijke ligging, worden bijgesteld naar een lage archeologische verwachting.Voor de zones met een hoge archeologische verwachting is een vervolgonderzoek in de vorm van een inventariserend veldonderzoek in de vorm van een proefsleuvenonderzoek aanbevolen. In de zones met een middelmatige archeologische verwachting en de zones met een lage verwachting dan wel zonder verwachting, kunnen de werkzaamheden zonder archeologisch vervolgonderzoek worden uitgevoerd. Wel dient hierbij te worden opgemerkt dat de wettelijke plicht op het melden van toevalsvondsten te allen tijde geldig blijft.