Het huidige karterende booronderzoek vormt een vervolg op een in een eerder stadium door MUG Ingenieursbureau uitgevoerd archeologisch bureauonderzoek en inventariserend booronderzoek. In het bureauonderzoek is geadviseerd een verkennend booronderzoek uit te voeren. Uit dit verkennend booronderzoek kwam naar voren dat in een deel van het onderzoeksgebied binnen de boordiepte dekzand met een podzolbodem aanwezig is. Voor dit deel van het onderzoeksgebied is vervolgens een karterend booronderzoek aanbevolen. Dit advies is overgenomen door het bevoegd gezag, gemeente Zeewolde. Het karterend booronderzoek betreft het in dit rapport beschreven onderzoek. In totaal zijn in het onderzoeksgebied 66 karterende boringen gezet. In bijna alle boringen is dekzand met een podzolbodem aangetroffen. In zeven boringen is een kleine hoeveelheid houtskool aangetroffen en in één boring een visrest (0,2 g). Het betreft een kleine hoeveelheid secundaire archeologische indicatoren, die verspreid over het onderzoeksgebied zijn aangetroffen. Omdat het secundaire indicatoren betreft die verspreid zijn aangetroffen, wordt het waarschijnlijk geacht dat deze geen indicatie vormen voor een vindplaats, maar van natuurlijke oorsprong zijn. Op basis van bovenstaande onderzoeksresultaten bevelen wij geen vervolgonderzoek aan.