Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Lochem-Oost te Lochem, gemeente Lochem (GD) Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Lochem-Oost te Lochem, gemeente Lochem (GD)

Laagland Archeologie heeft in september-oktober 2023 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd op een terrein in Lochem-Oost. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de aanleg van de nieuwbouwwijk Lochem-Oost. Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype, datering, diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke, archeologische en historische bronnen geraadpleegd. Het plangebied ligt in het Berkeldal en bestaat landschappelijk voornamelijk uit een beekdalbodem zonder veen. Binnen de beekdalbodem en parallel aan de beekdalbodem liggen dekzandruggen die boven het terrein van het beekdal uitsteken. In de zone beekdalbodem komen voornamelijk overstromingsafzettingen (beekklei) voor. Deze zijn vaak enkele decimeters dik, terwijl verder dekzandafzettingen overwegen. Op grond van de kaart van een detailbodemkartering bestaat de bodem uit vorstvaaggronden, kalkloze poldervaaggronden, beekeerdgronden, leekeerdgronden en loopodzolgronden. In de omgeving van het plangebied zijn archeologische resten uit de IJzertijd tot en met de Nieuwe Tijd bekend. Resten uit deze periode kunnen ook in het plangebied worden verwacht, met name resten uit de Late Middeleeuwen en Nieuwe Tijd. In historische tijden (vanaf circa 1832) werd het terrein omschreven als bouwland en weilanden. Het plangebied bleef grotendeels aldoor onbebouwd. Eind 19e eeuw en in de 20ste eeuw werd de Berkel gekanaliseerd. Vanaf rond 1920 wordt het lage deel binnen het plangebied met kades beschermd tegen overstromingen. Alleen in de noordoostelijke hoek staat vanaf 1937 één gebouw. Uit oude kaarten blijkt dat vrijwel geen bodemverstoring als gevolg van bebouwing te verwachten is. Het plangebied maakt onderdeel uit van verschillende gradiëntzones die waarschijnlijk interessant waren voor jager-verzamelaars en ook voor landbouwers. Voor het ensemble van de verschillende landschapstypen binnen het plangebied kan een hoge archeologische verwachting worden toegekend voor jagers-verzamelaars (Laat-Paleolithicum tot Vroeg-Neolithicum) en landbouwers (Midden-Neolithicum tot Late Middeleeuwen). Vanwege het ontbreken van bebouwing op het vroegste historische kaartmateriaal is de archeologische verwachting middelhoog voor de Nieuwe tijd. Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Op basis van het verkennend booronderzoek kan er een onderverdeling gemaakt worden tussen laagten met daarin overstromingsafzettingen en beekeerdgronden en ruggen met enkeerdgronden, met plaatselijk oude cultuurgronden. Aan de oever van de Berkel in het zuidelijke plangebied is een veenlaag of veenpakket (met een enkele kleilaag) onder ophogingen en overstromingsafzettingen aangetroffen. Verder is er in een boring een veenlaag onder een opgebrachte zandlaag en dikke A-horizont met oude cultuurlaag aangetroffen. De gedeeltelijke ophoging van het terrein moet al vrij vroeg, mogelijk al tijdens de ontginning, hebben plaatsgevonden. Deels heeft er enige ophoging plaatsgehad op de dekzandruggen en aangrenzende laagten. Voor een deel gaat het bij de ophogingen waarschijnlijk om de uitbreiding van de oude bouwlanden. Er zijn waarschijnlijk enkele sporen aangetroffen, voornamelijk uit de Late Middeleeuwen tot Nieuwe tijd (boring 1, 2, 23 en 77). Vanwege een dunne (mogelijke) afdekking van overstromingsafzettingen op een waarschijnlijke demping, moet een datering enige tijd voor 1920 moet liggen toen ongeveer een kade tegen overstromingen werd aangelegd. Afgezien van enkele ondiepe verstoringen is de bodemopbouw vrijwel overal onverstoord. De hoge archeologische verwachting voor het ensemble van de verschillende landschapstypen met verschillende gradiëntzones kan worden gehandhaafd. Waarschijnlijk zal dit ensemble met de waarschijnlijk aanwezige vindplaatsen door de voorgenomen nieuwbouwplannen geheel verdwijnen binnen het plangebied. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt nader archeologisch onderzoek geadviseerd conform protocol 4003 IVO (landbodems). Gelet op de te verwachten prospectiekenmerken en prospecteerbaarheid van een eventuele vindplaats wordt geadviseerd dit vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoek conform de KNA Leidraad Inventariserend Veldonderzoek Deel: Proefsleuvenonderzoek (IVO-P). Normaliter wordt 8 % van het gebied, waarvoor vervolgonderzoek geadviseerd is, onderzocht. Op basis daarvan dient ca. 1072 m2 onderzocht te worden. Om te beginnen wordt voorgesteld het zwaartepunt van het vervolgonderzoek te leggen op de hogere ruggen (zie Bijlage 11). In het Programma van Eisen (PvE) kan er in voorzien worden als er archeologische vindplaatsen worden aangetroffen op de ruggen en de (aangrenzende) laagten eveneens van interesse zijn, dat er meer proefsleuven worden aangelegd en onderzocht. De beoordeling van dit advies is in handen van de gemeente Lochem, hierin vertegenwoordigd door de archeologisch adviseur van de gemeente, de heer H.G. Pape-Luijten, regio-archeoloog Stedendriehoek. Selectiebesluit De gemeente Lochem onderschrijft dit advies, als volgt genuanceerd. In het plangebied is een karterend/waarderend proefsleuvenonderzoek (IVO-P) noodzakelijk, met een dekkingsgraad van minimaal 10% van het plangebied. Dit onderzoek dient gefaseerd uitgevoerd te worden. In fase 1 worden eerst de roze advieszones van figuur 1 onderzocht. Hierna vindt overleg plaats met de gemeente Lochem (in casu de archeologisch adviseur van de gemeente) of en welke proefsleuven in de groene advieszones aangegeven in Bijlage 11 aangelegd moeten worden in fase 2. Voor dit onderzoek is een Programma van Eisen (PvE) noodzakelijk, dat door de gemeente Lochem goedgekeurd moet worden alvorens het veldwerk kan worden uitgevoerd. Het puttenplan in dit PvE dient zowel fase 1 alsook fase 2 te dekken. Als tijdens het proefsleuvenonderzoek archeologische resten worden aangetroffen, die na een selectiebesluit van de gemeente Lochem behoudenswaardig worden geacht, dan dient een passende maatregel te worden getroffen (behoud in situ middels planaanpassing of opgraving). Het proefsleuvenonderzoek wordt idealiter in het bestemmingsplantraject uitgevoerd, zodat op basis daarvan duidelijk wordt of er nog archeologische dubbelbestemmingen opgenomen moeten worden in het nieuwe bestemmingsplan. Indien de uitvoering van het proefsleuvenonderzoek in het omgevingsvergunningstraject uitgevoerd moet worden dient het goedgekeurde PvE als bijlage bij het bestemmingsplan te worden gevoegd. Tevens dient dan een passende archeologische dubbelbestemming te worden opgenomen op de verbeelding en in de planregels (Waarde – Archeologie 5, vrijstellingsgrenzen 250 m2 en 30 cm -mv), alsook een voorwaardelijke verplichting ter borging van de uitvoering van het proefsleuvenonderzoek.
Totdat het plangebied is vrijgegeven voor wat betreft archeologie zijn er geen civiele bodemingrepen toegestaan in het plangebied.

Identifier
DOI https://doi.org/10.17026/dans-24x-nb62
PID https://nbn-resolving.org/urn:nbn:nl:ui:13-qm-sh0f
Metadata Access https://easy.dans.knaw.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=oai:easy.dans.knaw.nl:easy-dataset:334656
Provenance
Creator Wijnen, J.
Publisher Laagland Archeologie
Contributor Gelderland; Laagland Archeologie VOF
Publication Year 2024
Rights info:eu-repo/semantics/openAccess; DANS License; https://dans.knaw.nl/en/about/organisation-and-policy/legal-information/DANSLicence.pdf
OpenAccess true
Representation
Language Dutch; Flemish
Resource Type Dataset
Format excel xml; geodata file; pdf portable document format
Discipline Ancient Cultures; Archaeology; Humanities
Spatial Coverage (6.434 LON, 52.159 LAT); Gelderland; Lochem; Lochem; Lochem-Oost; 34A (kaartblad)