Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Tracé Warmteleiding Enschede. Laagland Archeologie Rapport 115

DOI

Laagland Archeologie heeft in september-oktober 2017 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd in verband met de geplande aanleg van een warmteleiding in Enschede. Het tracé heeft een lengte van circa 4800 m. De aanleg van sleuven voor de buizen van de warmteleiding reikt dieper dan 50 cm –mv. en met de aanleg van een sleuf met een bovenbreedte van circa 1 meter of meer bedraagt de bodemverstoring minimaal 4800 m2. Op basis van beleidsnormen van de gemeente Enschede dient er archeologisch onderzoek te worden uitgevoerd. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen Het verwachtingsmodel is vervolgens aan de hand van verkennend booronderzoek getoetst. Op basis van het bureauonderzoek is vastgesteld dat verreweg het grootste deel van het tracé ligt in zones die in landschappelijk opzicht relatief laag en nat waren. In historische tijden blijken hier vooral hooilanden en graslanden aanwezig geweest te zijn. Dergelijke gronden waren voor vestiging van de mens lange tijd ongeschikt en hebben daarom een lage archeologische verwachting voor alle perioden tot en met de middeleeuwen. Slechts een beperkt deel van het tracé ligt in een van nature hoger liggend gebied waar bovendien in historische tijden bouwlanden aanwezig waren. Afgezien van de noordoostelijke aftakking worden er in het tracégebied geen beduidende resten uit alle archeologische perioden verwacht. Voor de noordoostelijke aftakking geldt een afwijkende verwachting. Hier worden sporen en resten verwacht uit de periode van de late prehistorie tot en met de nieuw tijd. De algemene conclusie is dat de bodem ter plaatse van het tracé van de warmteleiding voor het grootste deel sterk is verstoord en bovendien ligt in een gebied waar op basis van het historische en oorspronkelijke natuurlijke landschap de kans op het aantreffen van archeologische vindplaatsen klein is. Slechts in een beperkt deel van het tracé is de bodem nog redelijk intact. Dit deel van het tracé ligt in een gebied waar op basis van de landschappelijke ligging wel vindplaatsen verwacht mogen worden. Het betreft het deel van het tracé dat door de Ledeboerstraat wordt aangelegd. De lage archeologische verwachting voor het tracé kan nagenoeg geheel worden gehandhaafd, met uitzondering van het tracédeel in de Ledeboerstraat. In dit deel wordt de verwachting middelhoog voor archeologische waarden uit de periode van de late prehistorie tot en met de nieuwe tijd. Op basis van de resultaten van het veldonderzoek wordt geadviseerd geen archeologisch vervolgonderzoek in het plangebied uit te voeren. Alleen ter plaatse van de Ledeboerstraat dient er een karterend booronderzoek uitgevoerd te worden. De implementatie van dit advies is in handen van de bevoegde overheid, de gemeente Enschede. De gemeente wordt hierin geadviseerd door haar deskundige, de heer Albert. Vissinga (regio-archeoloog), 038 – 421 32 57, mail albert.vissinga@hetoversticht.nl

Identifier
DOI http://dx.doi.org/doi:10.17026/dans-2bu-duhx
Metadata Access https://easy.dans.knaw.nl/oai?verb=GetRecord&metadataPrefix=oai_datacite&identifier=oai:easy.dans.knaw.nl:easy-dataset:130065
Provenance
Creator Oude Rengerink, J.A.M.
Publisher Laagland Archeologie
Contributor Laagland Archeologie
Publication Year 2019
Rights info:eu-repo/semantics/restrictedAccess
Contact Laagland Archeologie
Representation
Language Dutch
Resource Type Dataset
Format application/pdf
Coverage
Discipline Not stated
Spatial Coverage {" "}
Temporal Coverage Begin 2017-11-01T11:59:59Z
Temporal Coverage End 2019-07-09T11:59:59Z